DE HEILIGE SCHRIFT - DE BIJBEL

I KONINGEN

De vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.


De Studiebijbel is uitermate geschikt om de Bijbel te leren verstaan.

Je kunt een keus maken uit onderstaande tabel voor verdere studie
A = Verwijzing naar bijbeltekst met uitgebreide uitleg
B = Beknopte verhandeling over het hier gekozen bijbelboek
C = Verwijzing naar de verhandeling van een ander bijbelboek

Terug naar de Inleiding van deze serie


A B C
BIJBELBOEK
met
UITLEG


Oude Testament

Genesis Exodus Leviticus Numeri Deuteronomium Jozua Richteren Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia Maleachi


Nieuwe Testament


Mattheüs Marcus Lukas Johannes Handelingen Romeinen 1 Korinthiërs
2 Korinthiërs
Galaten Efeziërs Filippensen Kolossensen1 Tessalonicensen2 Tessalonicensen 1 Timotheüs 2 Timotheüs Titus Filemon Hebreeën Jakobus 1 Petrus 2 Petrus 1 Johannes 2 Johannes 3 Johannes Judas Openbaring


I KONINGEN


De boeken I en II Koningen (Hebreeuws: מלכים) zijn boeken uit de Hebreeuwse Bijbel. Het bevat een verslag van de koningen van het oude Israël en Juda. In de Tenach worden deze boeken gerangschikt onder de profeten.

Naamgeving
 De twee boeken vormden oorspronkelijk één boek in de Hebreeuwse Bijbel. De Hebreeuwse namen zijn M'lakhim Alef en M'lakhim Bet. De huidige tweedeling komt voor het eerst voor in de Septuaginta, die hen als het derde en vierde boek Koningen nummerde. De Vulgata volgde dit voorbeeld. Zie ook de toelichting op I Samuel.

 In 1 en 2 Koningen worden niet alleen feiten beschreven. Je wordt als lezer ook opgeroepen tot de juiste houding tegenover de God van Israël.
De geschiedenis is vooral een les: als je niet trouw bent aan God en andere goden dient, dan zal je allerlei ellende overkomen. Maar berouw en inkeer zullen tot redding en voorspoed leiden. Met deze les in het achterhoofd wordt verteld over de ondergang van zowel het koninkrijk Israël (in 722 v.Chr.) als het koninkrijk Juda (in 586 v.Chr.).

HET EERSTE BOEK DER KONINGEN

 De geschiedenis van de eerste Joodse koning staat niet in bovengenoemde boeken beschreven, dat was koning Saul. Daarvoor moeten we de bijbel openslaan bij het boek 1 Samuël 9.

Van koning David vinden we in de boeken der koningen alleen zijn laatste levensdagen beschreven. Wat daaraan voorafgaat staat in de boeken van Samuël.

 In het Eerste Boek der Koningen lezen we, dat David werd opgevolgd door zijn zoon Salomo, die nadat hij van zijn vader goede vermaning om zijn leven wel te besteden, en wijze bevelen om zijn rijk te bevestigen ontvangen had, ook gezegend werd in zijn persoon met wijsheid, rijkdom, eer; en in zijn land met vrede, handel en overvloed van alle dingen.

 Orde in zijn hof en huis gesteld hebbende, bouwt en heiligt hij de Here een tempel, maakt daarnevens enige koninklijke gestichten. Hij wordt zo vermaard, dat hij statelijk bezocht en vereerd wordt van de koningin van Scheba en van de omliggende volken met aanbieding van vriendschap en met geschenken. Doch daarna, door het nemen van vele heidense vrouwen tot afgoderij vervallen zijnde, vertoornt hij God, die hem vijanden verwekt en door zijn profeet Abia de verscheuring van zijn rijk laat aanzeggen. Deze scheuring nu is geschied toen zijn zoon Rehabeam door onwijze raad, tien stammen van zich vervreemd heeft, die Jerobeam, de zoon van Nebat, tot hun koning aangenomen hebben. Rehabeam heeft niets dan Juda behouden met een deel van Benjamin.

 God verbiedt hem ook de afgevallen stammen met geweld aan zich te onderwerpen. Om zijn zonden en die van het volk, wordt door Sisak, de koning van Egypte de tempel van Jeruzalem beroofd.

Zijn zoon Abia volgt hem op in zijn rijk en in zijn zonden. Maar Asa en Josafat, godvruchtig zijnde, hervormen de godsdienst.

 Wat de koningen aangaat, die na de verdeling der stammen over Israël geregeerd hebben en waarvan in het eerste boek wordt gesproken, die zijn allen afgodendienaars geweest, die de ware godsdienst door afgodische gruwelen verdorven hebben. Want Jerobeam heeft, behalve het oprichten van twee gouden kalveren, bijna de hele godsdienst veranderd en naar eigen goeddunken priesters aangesteld, waardoor hij de tien stammen van de ware godsdienst en van de rechte godzaligheid heeft afgekeerd. Zijn opvolgers volgden in zijn voetstappen, vooral Achab. Want behalve de afgoderij, waarin hij de voorgaande koningen overtrof, heeft hij tegen de waren gelovigen, die nog in zijn rijk overgebleven waren, grote tirannie bedreven. Door dit alles is het koningschap van Israël niet in één geslacht gebleven, zoals in Juda, maar door vreselijke oproeren en wreed bloedvergieten nu en dan op anderen overgegaan.

 Hoewel het aan vermaningen van door God gezonden profeten om de Joden tot bekering op te roepen niet ontbrak, zijn ze voor de meesten vruchteloos geweest, ook al werden ze door bijzondere wonderen bekrachtigd.

 Om Juda was de waarheid der leer en de zuiverheid van de godsdienst vaster ingeworteld, doordat de vrome koningen met de profeten er de hand aan hielden en het vervallene weer met grote ijver opgericht hebben.

 Het Eerste boek der Koningen beslaat de geschiedenis van honderd en achttien jaren, waarvan veertig van Salomo.

Periode
 De boeken beslaan de periode van Salomo's regering tot de verovering van Juda door de Babylonische koning Nebukadnezar. De exacte periode is moeilijk vast te stellen, een schatting geeft als tijdsbestek ongeveer 970 v.Chr. tot 587 v.Chr.

 De perioden zoals deze per koning in deze boeken worden genoemd, klinken zeer exact. Er zijn echter enkele aandachtspunten. Zo is in Juda het aantal jaren van Rehabeam tot de dood van Ahazia 95, in Israël 89 jaar. De periode van Jehu tot de val van Samaria bedraagt in Juda 165 jaar tegen 144 voor Israël.

 Hiervoor zijn een aantal oorzaken aan te wijzen:

 Sommige regeringen vielen samen of overlapten elkaar, zoals die van Davids laatste jaren met de eerste regeringsjaren van Salomo;
Het jaar van machtswisseling telde soms voor zowel de overleden als de nieuwe vorst;
In de woelige jaren na Jerobeam II heersten mogelijk meerdere koningen tegelijk in verschillende delen van Israël.
3. InhoudDe boeken bevatten de annalen van de koningen van Israël, zowel van het noordelijke tien-stammenrijk, dat na de scheuring als het koninkrijk Israël voortging, als van het twee- stammenrijk, het koninkrijk Juda.

 Ook het boek Kronieken behandelt deze periode. De kronieken zijn echter bondiger, meer samenvattend, terwijl er verhoudingsgewijs meer nadruk ligt op de Levitische aspecten. In de boeken over de Koningen ligt het accent meer op de koningen en de profeten.

Een korte groepering van de inhoud
 Troonsbestijging en regering van Salomo (1 Koningen 1-11). Bouw van de tempel te Jeruzalem;
Scheuring van het rijk (1 Koningen 12);
Optreden van naamloze profeet uit Juda, koningen Rechabeam en Jerobeam (1 Koningen 13);
Optreden van de profeet Ahia tegen Jerobeam (1 koningen 14);
Regering van de koningen Abiam, Asa, Nadab, Baësa, Ela, Zimri, Omri (1 Koningen 15-16);
Optreden van de profeet Elia onder de koningen Achab, Josafat, Ahazia (1 Koningen 17 - 2 Koningen 1);
Optreden van de profeet Elisa onder diverse koningen (2 Koningen 2-13);
Regering van diverse koningen (2 Koningen 14-17);
Regering van Hizkia, profeet Jesaja (2 Koningen 18-20);
Regering van Manasse, Amon, Josia, Joahaz, Jojakim, Jojachin, Zedekia,

Boodschap/thema
 De schrijver had een duidelijk doel met het schrijven. De regering van aan God trouwe koningen worden uitvoeriger behandeld dan de regeringsperioden van koningen die van God afweken. Ook krijgen veel koningen een 'beoordeling' op dit punt: "En hij deed wat kwaad was in de ogen des Heeren" (2 Koningen 13:2,11; 15:9,18,24,28; 17:2, etc.). Of het tegenovergestelde: "En hij deed wat recht was in de ogen des Heeren" (bijv. 2 Koningen 14:3, 15:3; 18:3, etc.).

Auteurschap
 De Talmoed [1] noemt Jeremia als auteur. Critici zijn het echter niet eens over wie de auteur van deze boeken was. Volgens hen komen sommige delen overeen met Jeremia, waardoor sommigen gesuggereerd hebben dat Jeremia de auteur is. Als onderbouwing hiervan kan worden genoemd dat Jeremia's naam en optreden nergens tijdens de Koningen genoemd wordt - dit zou overbodig zijn wanneer Jeremia de schrijver is, zijn woorden vormen immers een apart boek. Als extra argument wordt hierbij genoemd dat sommige delen van Koningen en Jeremia bijna woordelijk overeen komen, zoals 2 Koningen 24:18-25:30 en Jeremia 52.

 Een alternatieve veronderstelling, die in het jodendom geen aanhang heeft, is dat Ezra, na de ballingschap, de boeken samenstelde uit documenten die mogelijk geschreven waren door David, Salomo, Nathan, Gad, en Iddo, en de documenten daarbij de huidige vorm en volgorde gaf.

 De boeken vermelden of verwijzen naar een aantal bronnen, namelijk:

 "boek der geschiedenissen van "Salomo" (1 Koningen 11:41);
het "boek van de kronieken van de koningen van Juda" (1 Koningen 14:29; 15:7, 23, etc.);
het "boek van de kronieken van de koningen van Israël" (1 Koningen 14:19; 15:31; 16:14, 20, 27, etc.).

Tijdsbestek
 De datum van de oorsprong van deze boeken hangt samen met de vraag naar de auteur. Mogelijk lag deze datum tussen 561 v.Chr., de datum van het laatste hoofdstuk (2 Koningen 25), toen Jojachin werd vrijgelaten uit de gevangenschap door Evil-Merodach (2 Koningen 25:27), en 538 v.Chr., de datum van de vrijlating door Cyrus.

Relatie met nieuwe testament
 Deze twee boeken worden verschillende malen aangehaald of geciteerd door Jezus Christus en zijn apostelen. Bijvoorbeeld in Mattheus 6:29; 12:42; Lukas 4:25, 26; 10:4 (vgl 2 Koningen 4:29); Markus 1:6 (vgl. 2 Koningen 1:8); Mattheus 3:4, etc.).

Koningen van Israël en Juda en hun regeerperiodes
 Alle data zijn voor Christus. De jaartallen zijn "circa" omdat de bronnen hierover niet eensluidend zijn.
Israël Juda
Saul 1020-1010
David 1010-970 David 1010-970
Salomo 970-930 Salomo 970-930
Jerobeam I 930-910 Rehabeam 930-913
Nadab 910-909 Abia(m) 913-910
Baësa 909-886 Asa 910-873
Ela 886-885 Josafat 873-848
Zimri 885 Joram 848-841
Omri 885-874 Ahazia 841
Achab 874-853 Athalia (koningin) 841-835
Ahazia 853-852 Joas 835-796
Joram 852-841 Amazia 796-791
Jehu 841-814 Azaria (Uzzia) 791-751
Joahaz 814-798 Jotham 751-735
Joas 798-781 Achaz 735-715
Jerobeam II 781-753 Hizkia 715-696
Zacharia 753 Manasse 696-641
Sallum 752 Amon 641-639
Menahem 751-741 Josia 639-609
Pekahia 741-731 Joachaz (Sallum) 609
Pekah 731 Jojakim 609-597
Hosea 731-722 Jojachin 597
Zedekia 597-586

De inhoud verder bekeken

 1 Koningen 1: 1 - 31
 Het is een ietwat ontluisterend beeld dat hier van David geboden wordt. De oude koning kan alleen nog maar warm worden door de warmte van het jonge lichaam van Abisag. Dat is ook alles wat hem bezig houdt. Leiding geven is er niet meer bij. En zo ontstaat een hele gevaarlijke situatie. Het is duidelijk dat het overzicht en de helderheid David in de steek laten. Een mens moet leren om op tijd in te zien, dat hij/zij een stapje terug moet doen en anderen het roer moet laten overnemen. David doet dat niet. Adonia maakt handig gebruik van het machtsvacuüm en weet ook Joab en Abjatar in te palmen.

1 Koningen 1: 32 - 53
 Het had echt maar weinig gescheeld of Adonia was koning geworden. De man was slim en geslepen net als zijn broer Absalom en pakte zijn coup handig aan. Met Joab en Abjatar aan zijn zijde bijvoorbeeld had hij invloedrijke medestanders gehad. Maar zo worden Gods plannen met Israël en met Davids koningshuis doorkruist. Nog één keer toont de koning daadkracht, daartoe in staat gesteld door God. Salomo moet en zal koning worden! Het gebeurt ook. De groep rond Adonia spat uiteen. Salomo’s eerste regeringsdaad is het leven sparen van zijn broer.

1 Koningen 2: 1 - 27
 David laat zijn testament na. Voor alles aan komt de gehoorzaamheid aan God. Wandel met God! Meer heeft Salomo niet nodig om zegen en bevestiging te verwachten. Dat is nog zo, echt waar! Vervolgens draagt David Salomo op een aantal openstaande rekeningen te vereffenen ten opzichte van Joab (de moord op Abner en Amasa), Barzillai’s zonen (vgl. 2 Sam. 17:27-29) en Simi (vgl. 2 Sam. 16:5-13 en 19:16-23). Adonia weet niet van opgeven. Batseba vindt zijn verzoek kennelijk nog niet zo onredelijk, maar Salomo doorziet hem. Adonia doet weer een slinkse poging om de troon te bemachtigen. En dat betekent zijn dood.

1 Koningen 2: 28 - 46
 Salomo voert de opdrachten die David gaf uit. En hij doet dat consequent en zuiver. Dat lijkt misschien niet zo in onze ogen. Er worden immers twee mannen van het leven beroofd. Maar het asielrecht van het altaar gold niet voor moordenaars (Ex. 21:14). Salomo betoont zich dus de uitvoerder en verdediger van Gods recht en wet door Joab bij het altaar te laten doden. En wat deed Simi anders dan de grenzen van het ‘uitgaansverbod’ opzoeken en bewust overschrijden? Hij heeft er vast niet op gerekend dat Salomo zichzelf, zijn eed aan God en dus daarmee meteen zijn trouw aan God zo serieus zou nemen.

1 Koningen 3
 De dochter van de farao als vrouw en offeren op de hoogtes; kan dat goed komen? Maar toch is de balans positief: Salomo toonde zijn liefde voor de Heer (vers 3). En wie zou niet hebben gezwicht voor de verleiding om van God een lang leven te vragen, of rijkdom of meer van dat korte-termijn-geluk? Salomo vraagt om wijsheid, om ‘een opmerkzaam hart’. Hier zie je toch ook iets van ‘zoek eerst Gods koninkrijk en zijn gerechtigheid en de rest zal u bovendien geschonken worden’. God geeft wat Salomo vraagt en veel meer dan dat. Als bewijs van zijn gave om recht te kunnen spreken geldt het beroemde verhaal in vers 16-28.

1 Koningen 4: 1 - 5: 14
 Salomo’s regeringsperiode was Israëls gouden eeuw. De welvaart overtreft die van de wereld. Waar zit het verschil in? In Salomo’s rijk stond de wijsheid centraal. Dat is de wijsheid die begint bij respect, eerbied voor de HERE. Welvaart met wijsheid is een zegen. Welvaart zonder wijsheid is….??

1 Koningen 5: 15 - 6: 13
 Het gouden rijk van Salomo had een ‘hart’: de relatie met de HERE. Daarom was Salomo er alles aan gelegen om de wens van zijn vader (Ps.132) te verwezenlijken: een huis voor de HERE. Alles lag klaar, ter plekke werd het in eerbiedige stilte opgebouwd. Zo hebben ze eerbiedig de tempel gebouwd : God dienen was het ‘hart’ van het gouden rijk.

1 Koningen 6: 14 - 7: 12
 Gods kamer in Zijn nieuwe huis wordt de achterzaal. Daar staat zijn troon. Zijn troondienaren zijn de cherubs. Salomo maakt er grote gouden gestalten van die Gods troon – de ark –overvleugelen. Op de ark zelf zijn kleine figuren van cherubs gemaakt die zich buigen over het verzoendeksel..…door het bloed komt alles goed. Lees en bespreek in dit verband het slot van 1 Petrus 1 vers 12 eens.  

1 Koningen 7: 13 - 51
 Twee pilaren staan voor de ingang van het huis van God. Het zijn geen pilaren in de tempel om het dak te dragen (denk aan Simsons einde), ze staan los… Ze wilden je aan het nadenken zetten voor je de tempel  inging. Hun boodschap was: 'niet wij dragen de tempel, maar God Zelf draagt Zijn huis'. "Jachin" betekent: 'de Here maakt stevig'. En "Boaz" betekent: 'in Hem is sterkte'.  Verwacht het niet van dit huis, denk aan God…

1 Koningen 8: 1 - 21
 Op de dag van de inwijding van Zijn huis komt God Zelf. Salomo is zielsblij, juist ook omdat de HERE in een wolk komt. God is heilig. Een klein mens gaat daaraan kapot. Een zondig mens wordt erdoor verbrand....als niet de HERE Zelf in Zijn genade het vuur inhoudt. En nu komt Hij in genade, want dit huis is de plek van verzoening tussen God en mens…uw altaren, o HERE der heerscharen. Zing maar eens het begin van psalm 84.

1 Koningen 8: 22 - 43
 God neemt Zijn intrek in dit huis, maar zou God Zich in Zijn huis opsluiten? God is veel groter dan dit tempeltje. Vanuit dat besef vraagt Salomo eerbiedig of God uit de hoge hemel – dat is Zijn woning – wil luisteren naar Zijn volk. God komt als een Vader dichtbij, maar blijft in de hoge hemel. Zo eerbiedig leerde de HERE Jezus ons ook God aan te spreken als Vader in de hemel. Wat betekent die grootheid van God voor uw gebed?

1 Koningen 8: 44 - 66
 Na het gebed tot de HERE draait Salomo zich om naar het volk…om publiek God groot te maken. God heeft immers waar gemaakt wat Hij beloofd heeft. Zijn trouw staat vast als een eeuwig huis. En Salomo spreekt de wens uit dat God ook het hart van hem en Zijn volk trouw wil maken. Het doorleven van Gods trouw maakt ons verlangend Hem trouw te dienen…. dat gebeurt als we dat ook aan Hem vragen. Hoe kunnen we daarvoor bidden?

1 Koningen 9
 God wil wonen tussen Zijn volk als ze Hem trouw zijn, anders…. vertrekt de HERE  uit de tempel. De profeet Ezechiël ziet de heerlijkheid van God uit de tempel verdwijnen (11:22-23). Als de tempel leeg is, kan het vuur erin...dat was het dieptepunt van het Oude Testament. Gelukkig komt het Nieuwe Testament vertellen dat  God terugkwam - Hij is na het volkomen offer van Golgotha zelfs komen wonen in mensen. Zij worden Zijn tempel... door Gods Geest.

1 Koningen 10
 De koningin in het land van de wijsheid hoorde dat in Jeruzalem een koning abnormaal wijs was. Ze kwam om - zoals de Here Jezus later in Lukas 11 zegt - "de wijsheid van Salomo" te horen. Met haar wijsheid testte ze Salomo. De schatkamer van de wijsheid van de wereld was opengegaan, maar de wijsheid van God bleek  meer. Van God uit krijg je pas een goede kijk op het leven. Van God uit doorgrond je de diepten van het leven. Bij God word je echt...wijs.

1 Koningen 11: 1 - 22
 De bijbel spreekt over een speciaal verbond van God met David: het koningsverbond. Hij beloofde trouw en vroeg dat ook van Davids huis. Salomo was niet trouw, omdat zijn hart niet bij de HERE bleef. Het probleem is niet dat hij zoveel vrouwen had. Dat was in die tijd een teken van zijn macht. Maar het probleem  is dat hij zijn hart laat wegstelen van de HERE. En als de wijsheid verdwijnt, verbleekt de goudglans. Dan komt Gods oordeel.

1 Koningen 11: 23 - 43
 God voltrekt dit oordeel door middel van de groeiende ontevredenheid onder het volk over Salomo. Het oordeel is dat Salomo de troon kwijt raakt. Maar in het oordeel is God genadig om David en trouw aan Zijn belofte:  God zal de zoon slaan, maar de troon laten staan. God blijft trouw aan het koningsverbond…..Eeuwen later is het onverwacht te zien : het rijsje uit de tronk, nieuw leven in de dood (Jesaja 11:1): Jezus Christus. 

1 Koningen 12: 1 - 24
 Het lijkt “gewoon” een politieke blunder met verstrekkende gevolgen. Salomo had absolute gehoorzaamheid afgedwongen, ook al zuchtte het volk onder de belastingen en de verplichte diensten aan de koning. Rechabeam heeft de illusie dat hij met hetzelfde gezag als zijn vader over Israël kan regeren, maar komt bedrogen uit. De lang opgekropte onvrede en spanningen komen tot een uitbarsting als hij zijn regeringsprogramma bekend maakt.
De HERE maakt duidelijk aan Rechabeam, het volk Israël, én aan ons: Dit is maar niet een menselijke vergissing of dom toeval! God zelf heeft hierin de hand. De hoogmoedige ongehoorzaamheid van Salomo wordt bestraft. Politiek gezien stelt het koningshuis van David nu niet veel meer voor. Maar God blijft trouw aan zijn beloften.

1 Koningen 12: 25 - 13: 10
 God heeft Jerobeam het koningschap gegeven over het grootste deel van Israël. Wat de profeet Achia namens de HERE tot hem gezegd had (11: 29-39) is uitgekomen. Jerobeam is een geboren leider en het volk draagt hem op handen. Hij beseft echter hoe betrekkelijk de volksgunst is. Dat kan zo maar omslaan. Als een tactisch strateeg doorziet hij dat het contact met de volksgenoten uit het zuiden een bedreiging vormt. Hij moet de noordelijke stammen een eigen identiteit geven, los van Juda en Jeruzalem. Jerobeam offert letterlijk alles op aan zijn politieke ambities. Hij plaatst zijn koninkrijk boven het koningschap van God. Hij vertrouwt meer op zijn eigen kunnen, dan op de belofte van God (11: 38). Indringend wordt hij door de HERE gewaarschuwd: er is nog een weg terug……

1 Koningen 13: 11 - 34
 Het is een aangrijpende geschiedenis. Die arme profeet werd door leugens ongehoorzaam aan zijn Zender en moest dat met de dood bekopen.
De vraag daarbij is niet waarom God dit toeliet, maar hoe het mogelijk was, dat die oude profeet zo weinig ontzag had voor het woord van de HERE. Het tekent het geestelijk klimaat. De man is slechts nieuwsgierig naar die bijzondere “kracht” van zijn collega. “Hoe krijg je zo iets voor elkaar?” Daar moet ik meer van weten…..!
De profeet uit Juda doorzag niet dat hij heel zijn boodschap aan Jerobeam ontkrachtte door zelf de woorden van de HERE te overtreden. Dan gebruikt God de misstap van zijn knecht voor het omgekeerde: diens boodschap wordt met geweldige kracht onderstreept. Jerobeam moet wel beseffen waartoe ongehoorzaamheid aan Gods Woord leidt….

1 Koningen 14: 1 - 20
  Hier komen we Jerobeam tegen als ongeruste vader van een ernstig ziek kind. Hij stuurt zijn vrouw naar de profeet Achia. Jerobeam waagt het tot God te naderen zonder enige vorm van verootmoediging. Merkwaardig is die combinatie van vertrouwen in de profeet én het idee, dat Achia niet zou ontdekken met welke vrouw hij te maken kreeg. Benauwend is het dat de profeet slechts benaderd wordt als een soort “waarzegger”.
De HERE had Jerobeam zulke mooie beloften gedaan en zo geduldig en indringend gewaarschuwd. Nu is de grens bereikt en klinken woorden van oordeel. Het is veelzeggend, dat wij niets lezen over enige reactie van Jerobeam op deze boodschap……
De vraag dringt zich op: Hoe gaan wij om met het spreken van de HERE?

1 Koningen 14: 21 - 15: 8
 Ondanks de splitsing in twee koninkrijken blijft het in de Bijbel gaan om het ene volk van God. Het perspectief wordt telkens van het noorden naar het zuiden gericht en omgekeerd. Zo weten we wat er ongeveer gelijktijdig in het tienstammen- en tweestammenrijk speelde.
Ten tijde van Rechabeam was het met de liefde tot de HERE in Juda al niet veel beter gesteld dan in het noordelijke rijk. Op vele hoge plaatsen verrezen (opnieuw) altaren en heiligdommen. In naam werd daar ook Israëls God gediend, maar vaak overwoekerd door allerlei vormen van heidendom.
 Het is slechts ter wille van David, dat de HERE “een lamp in Jeruzalem gaf”. De lamp is het symbool van het leven. Bedoeld is de doorgaande lijn van het koningshuis van David tot op de komst van de Messias. Alles hangt enkel af van de trouw van God…..

1 Koningen 15: 9 - 32
 Bij de beoordeling van de Koningen gaat het telkens om volkomen trouw aan de HERE en daarmee ook om die ene plaats waar Hij gediend wilde worden. De Koningen van Juda worden daarbij telkens vergeleken met David. Bij de Koningen van Israël is er telkens een vergelijking met Jerobeam, “die Israël had doen zondigen”. Triest is de voortdurende staat van oorlog tussen beide broedervolken. Men put elkaar uit en andere volken profiteren ervan. Terwijl Juda het voorrecht geniet van een stabiele regering door telgen uit het nageslacht van David is er in Israël de ene coup na de andere. Op de weg van de ongehoorzaamheid aan Israëls God rust geen zegen.

1 Koningen 15: 33 - 16: 14
 Het koningschap van Baësa wordt getypeerd door zijn “wandelen in de weg van Jerobeam en in de zonde die deze Israël had doen bedrijven”. Opvallend is de manier waarop de Bijbelschrijver de profetie van Jehu vervlecht met de beschrijving van de geschiedenis van deze koning en zijn zoon. De profetie trekt zo alle aandacht naar zich toe. Terwijl Baësa én zijn zoon Ela genoeg tijd kregen om zich te bekeren wordt er geen enkele vorm van reactie op de profetie vermeld. Men trekt zich van het Woord van de HERE volstrekt niets aan…..
De militair Zimri pleegt een coup en moordt niet alleen het huis van Baësa uit, maar doodt ook naaste vrienden en verwanten van Ela. Blijkbaar wil hij zijn koningschap met alle middelen veilig stellen. Maar daar rust geen zegen op…

1 Koningen 16: 15 - 34
 De legeroverste Omri maakt al na zeven dagen een einde aan het bewind van Zimri. Het kost enige tijd voordat hij de alleenheerschappij over Israël heeft, maar dan brengt hij een redelijke mate van politieke, economische en militaire stabiliteit. Hij bouwt een nieuwe hoofdstad voor zijn rijk als persoonlijk eigendom. Naar menselijke maatstaven was hij een succesvol vorst, maar de Bijbel oordeelt anders. In zijn afwijken van het Woord van de HERE ging hij verder dan al zijn voorgangers.
Zijn zoon Achab maakt het nog bonter. Van hem staat er dat het minst erge was, dat hij wandelde in de zonden van Jerobeam… Achab diende de goden van zijn vrouw Izebel. In hetzelfde kader staat het herbouwen van Jericho tegen het bevel van de HERE in.

1 Koningen 17: 1 - 24
 Ineens is hij daar. Zonder nadere aankondiging verschijnt Elia in de Bijbel en aan het hof van Achab. In de geschiedenis van Israël draait het niet om koningen maar om het Woord van de levende God. Als Achab zijn heil verwacht van de vruchtbaarheidsgoden van de Sidoniërs en Israël daarin doet volgen, grijpt de HERE zelf nadrukkelijk in. Hij toont dat Baäl niet in staat is regen en dauw te schenken. De akkers zullen niets opleveren.
 Elia blijkt in zijn gehoorzaamheid aan het Woord van de HERE een trouw knecht van God. Op wonderlijke wijze voorzien eerst roofzuchtige raven hem van voedsel. Daarna zorgt God op het “grondgebied van de Baäl” voor zijn levensonderhoud via het wonder in de provisiekast van een arme weduwe. Na het wonder van de opwekking van haar zoon uit de dood klinkt een belijdenis die in schril contrast staat tot het spreken van Achab.

1 Koningen 18: 1 - 19
“Het is jouw schuld!” Wij mensen zijn er vaak heel sterk in om anderen de schuld te geven van dingen, waaraan we op z’n minst medeschuldig zijn. Achab is woest op Elia maar “vergeet” dat hij zelf door zijn ongehoorzaamheid aan de HERE alle ellende veroorzaakt heeft. Wellicht herkent u/je zo iets ook in uw/jouw omgeving. Misschien herken je het wel bij jezelf…
Achab weet dat Elia gelijk heeft. Naar alle waarschijnlijkheid heeft hofmaarschalk Obadja niet helemaal buiten het medeweten van Achab om de 100 profeten van de HERE verborgen en onderhouden. Achab gehoorzaamt dan ook het bevel om het volk én de 450 profeten van de Baäl bijeen te roepen op de Karmel. De 400 profeten van de “vrouwelijke wederhelft” van Baäl zullen wel bij deze 450 inbegrepen zijn.

1 Koningen 18: 20 - 46
“Hoe lang blijft u op twee gedachten hinken?” zeggen wij wel eens. Datzelfde drukt Elia uit, maar dan nog scherper: “Hoe lang zult gij aan beide zijden mank gaan?” Israël combineert de dienst aan de HERE met de dienst aan Baäl. Maar het betekent dat er noch een volkomen toewijding aan de HERE is, noch een volkomen toewijding aan de Baäl. “Kiest dan heden, wie gij dienen zult!” klinkt het in talrijke varianten in de Bijbel. Weet waar je voor staat! Het kan niet half-half. Wie lauw is wordt uitgespuugd….
Na de ontmaskering van Baäl wordt met zijn dienaren afgerekend. In onze beleving schokkend, maar naar toenmalige begrippen heel gewoon (vergelijk Daniël 2: 12). Misschien is het nog wel schokkender dat wij de leugen zo gemakkelijk verdragen…

1 Koningen 19:  1 - 21
 Wat is de Bijbel een geweldig boek! Je komt daarin niet maar zwart-wit verhalen tegen van dappere en sterke gelovigen die bergen kunnen verzetten en halfzachte lauwe gelovigen die het er allemaal maar bij laten zitten. Dezelfde Elia die de koning trotseerde en geweldige wonderen mocht verrichten komen we nu tegen als een bang en teleurgesteld mens. Hij ziet het werkelijk niet meer zitten. Hij krijgt de mensen niet mee. Het is voor hem een verloren zaak…
Wat gaat de Here God daar op een bijzondere wijze mee om. Hij zorgt er voor dat Elia bij Horeb komt, de berg waar God zich ook in het verleden geopenbaard heeft. Elia krijgt daar alle gelegenheid z’n verhaal te doen (vers 10 en 14). De HERE laat zijn knecht op verhaal komen, maar maakt duidelijk dat Hij het er niet bij laat zitten…

1 Koningen 20: 1 - 22
Benhadad, de agressieve en arrogante koning van de Syriërs, is met een overweldigende overmacht opgetrokken tegen Israël. Bij het beleg van Samaria probeert hij het onderste uit de kan te halen bij onderhandelingen over vredesvoorwaarden. Israël staat onder enorme druk. Met de moed der wanhoop besluit men zich te verzetten tegen een totale overheersing. Dan spreekt de HERE en wijst de te volgen weg. Achab gehoorzaamt en behaalt een geweldige overwinning.
Dit hoofdstuk illustreert dat Elia bepaald niet de enige profeet van de HERE was. Het tekent ook Gods bijzondere bemoeienis met Achab. De HERE doet er alles aan om zich aan Achab bekend te maken. Wat is Hij trouw en goed!

1 Koningen 20: 23 - 43
 Zoals de HERE gezegd had krijgt Israël het jaar daarop weer met Benhadad te doen. De Syriërs menen dat Israëls God een berggod is die zijn volk in de vlakten niet kan steunen. De HERE toont de Syriërs én Achab dat zijn macht onbegrensd is. De Syriërs moeten vluchten en Benhadad is nergens. Op zichzelf is het mooi te lezen hoe diens dienaren dan spreken over de reputatie van de koningen van Israël. Daarin horen we een doorwerking van de wetten van de HERE. In deze situatie echter maakt Achab een grote vergissing. Hij laat de tegenstander die God in zijn macht gegeven had veel te gemakkelijk vrijuit gaan. Voor Achab telt de “vriendschap” van zijn machtige buurman zwaarder dan het voltooien van Gods werk. Hoe hoog God het opneemt blijkt uit het vervolg. De profeet die ongehoorzaam is aan het Woord van God sterft als een onheilspellend teken bij het Woord dat Achab ontvangt.

1 Koningen 21
 Van geen enkele koning in Noord-Israël wordt gezegd dat hij “deed wat goed is in de ogen van de HERE”. Wat dat betreft spant Achab de kroon. Hij doet niet alleen mee aan de ‘zonde van Jerobeam’ (beeldendienst Dan / Bethel), maar begint op aandrang van Izebel met zijn eigen zonde: de verering van Baäl. De Israëlieten die niet knielen voor Baäl, worden vervolgd en gedood. Nabot is een van de slachtoffers. Hij wil, gehoorzaam aan de grote Koning, zijn erfgrond niet afstaan. En dus moet hij sterven, op vals getuigenis. De wereld op z’n kop. Zonde! En daarom straf! Dat zullen Achab en Izebel nog gewaarworden. En iedereen die zijn/haar eigen zondige zin doet. God is echt geen lieverdje. Hij is wel recht door zee. Zijn eigen Zoon weet daarvan mee te praten. En wie zich tot Hem bekeert ook! Goddank.

1 Koningen 22: 1 - 28
 Koning Achab krijgt bezoek van collega Josafat uit Juda. Samen plannen ze een veldslag tegen Aram. Maar om te slagen heb je allereerst het Woord van de HERE nodig. Deo volente toch? (Jak. 4: 13-17) De tegenstelling tussen Achab en Josafat is compleet. Wat een vertoning, al die valse profeten die Achab naar de mond praten. Nou zeg, dat maakt indruk: 400 grote monden. Achab krijgt beslist waar voor zijn geld: de klant is koning. Maar dan die haast olijke reactie van Josafat: “Is hier ergens niet ook een (één!) profeet van de HERE?” Achab heeft een leuke act laten opvoeren met veel ‘kaBaäl’, maar het is nu tijd om serieus te worden. Je ziet het vrolijke gezicht van Achab vertrekken: “Een profeet van de HERE? Jawel: die vervelende Micha. Die vent zegt nou nooit eens iets leuks.” Nee, dat zal waar zijn. Maar zijn profetie komt wel altijd uit. Wie wil nu niet graag goede woorden horen? Iedereen toch? Dat kan, als je maar gelooft in God. Dan zijn zelfs harde woorden goed. Al komen ze uit maar één mond: Gods mond. Al is het maar één Woord: het vleesgeworden Woord.

1 Koningen 22: 29 - 54
 Het is afgelopen met Achab. De profetie van Micha – en ook die van Elia al eerder – wordt vervuld. Achab kan zich laten voorliegen door 400 man, hij kan incognito optreden in de veldslag tegen Ramot, maar dat geeft nog geen zekerheid. Ondanks de goede boodschap van zijn eigen waarzeggers, neemt hij het zekere voor het onzekere. Typische houding voor een ongelovige! En dan ben je koning: aanvoerder van het leger! Bah. Wat een gemene streek ook tegen Josafat, die er wel in koningstenue bij loopt. Maar God is er ook nog! Hij is een schild voor Josafat en Hij weet Achab te vinden met een ‘toevallige’ pijl. De honden likken zijn bloed. Voor Achab is het einde verhaal. Niet voor Josafat. Die dient de HERE. Daarmee breng je er het leven vanaf. Zelfs voor eeuwig, door Jezus Christus.

 De boeken gaan over een periode van ongeveer vierhonderd jaar waarin vele koningen opkomen en weer ten onder gaan. De beroemdste koning uit de bijbel, David, sterft aan het begin van deze koningsverhalen. Na een machtsstrijd volgt Salomo hem op. Over deze zoon van David, die bekend was om zijn wijsheden, wordt uitgebreid verteld. Maar tijdens en vooral na zijn regeringsperiode gaat het mis met de eenheid van het koninkrijk. Zoals zo vaak ontstaat er een strijd om de macht. Jerobeam en Rechabeam worden uiteindelijk allebei koning over een deel van het koninkrijk. Zo ontstaan er rond 925 voor Christus twee rijken: een noordelijk tienstammenrijk (Israël) en een zuidelijk tweestammenrijk (Juda). In de tijdbalk kun je zien welke koningen allemaal hebben geregeerd in de beide rijken. (Let op: over de jaartallen zijn de deskundigen het niet eens. De genoemde data die worden genoemd zijn bij benadering.)

Een zijden draadje

In de verhalen over de koningen valt op dat dezelfde thema's steeds terugkeren. Er zit een duidelijke geloofsvisie in de koningsverhalen. De belangrijke vraag die de schrijver steeds stelt, is: heeft de koning de HEER met zijn hele hart gediend en heeft hij naar zijn wetten geregeerd?

In Juda zijn er redelijk wat koningen die er goed vanaf komen, vooral Hizkia en Josia, die de HEER van harte toegedaan zijn. Maar zij kunnen het tij in Juda niet keren. Over de koningen van Israël heeft de schrijver niet veel goeds te melden. Sommige hadden heel wat aanzien bij de omliggende volken, zoals Omri en Achab, maar dat is niet de maatstaf van het boek Koningen. Door profeten (let eens op hoeveel profetenverhalen deze boeken bevatten!) werden de Israëlitische koningen vaak scherp tot de orde geroepen.

Met het koningshuis van Juda heeft de HEER veel geduld vanwege zijn beloften aan David. De vervulling van die belofte hangt soms aan een zijden draadje, zoals tijdens koningin Atalja, maar God laat 'de lamp van David niet uitdoven'. Daarom eindigt het boek Koningen ondanks de val van Jeruzalem niet helemaal negatief. Koning Jojachin ontvangt gratie in zijn ballingsoord: met het huis van David is de HEER in de toekomst nog meer van plan..

COMMENTAAR
BIJBELBOEK

OT


Genesis

Exodus

Leviticus
 

Numeri

Deuteronomium

Jozua
 
Richteren
 
Ruth
 
1 Samuël

2 Samuël
 
1 Koningen
 
2 Koningen
 
1 Kronieken

2 Kronieken
 

Ezra
 
Nehemia
 
Esther

Job

Psalmen

Spreuken

Prediker

Hooglied


Jesaja


Jeremia


Klaagliederen van Jeremia

Ezechiël

Daniël


Hosea

Joël


Amos


Obadja


Jona


Micha


Nahum


Habakuk

Zefanja

Haggaï

Zacharia

Maleachi

NT

Matthëus


Markus

Lukas

Johannes

Handelingen

Romeinen


1 Korinthiërs


2 Korinthiërs


Galaten

Efeziërs

Filippensen


Kolossensen

1Thessalonicensen

2Thessalonicensen

1 Timothëus

2 Timothëus

Titus

Filemon

Hebrëen

Jakobus

1 Petrus

2 Petrus

1 Johannes

2 Johannes

3 Johannes

 
Judas

Openbaring
 

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Heer, wees mijn Gids 

                              

INFO: DE WEG - DE WAARHEIDHET LEVENFILM - AUDIO


Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)



Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG