DE HEILIGE SCHRIFT - DE BIJBEL

HANDELINGEN DER APOSTELEN

De vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.


De Studiebijbel is uitermate geschikt om de Bijbel te leren verstaan.

Je kunt een keus maken uit onderstaande tabel voor verdere studie
A = Verwijzing naar bijbeltekst met uitgebreide uitleg
B = Beknopte verhandeling over het hier gekozen bijbelboek
C = Verwijzing naar de verhandeling van een ander bijbelboek

Terug naar de Inleiding van deze serie


A B C
BIJBELBOEK
met
UITLEG


Oude Testament

Genesis Exodus Leviticus Numeri Deuteronomium Jozua Richteren Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia Maleachi


Nieuwe Testament


Mattheüs Marcus Lukas Johannes Handelingen Romeinen 1 Korinthiërs
2 Korinthiërs
Galaten Efeziërs Filippensen Kolossensen1 Tessalonicensen2 Tessalonicensen 1 Timotheüs 2 Timotheüs Titus Filemon Hebreeën Jakobus 1 Petrus 2 Petrus 1 Johannes 2 Johannes 3 Johannes Judas Openbaring


HANDELINGEN DER APOSTELEN


Het 
boek Handelingen, ook wel Handelingen van de Apostelen of Acta Apostolorum genoemd, is een bijbelboek uit het Nieuwe Testament dat volgt op de Evangeliën. Het begint met de Hemelvaart van Jezus. Daarna wordt over het Pinksterfeest, de uitstorting van de Heilige Geest, het leven van de eerste christenen te Jeruzalem, de zendingsreizen van de apostelen en de bekering van Paulus verhaald. Het boek eindigt na drie van de vier zendingsreizen van Paulus met zijn vierde reis, die hem naar Rome voert.

Het boek handelingen beschrijft de verspreiding van het christendom over de gehele wereld.
De bediening van petrus wordt in hfd 1-12 besproken. De bediening van Paulus komt in de hfd 13-28 aan de orde.
Na de opstanding van Jezus Christus bracht Petrus vrijmoedig het evangelie en deed vele wonderen. Door de aanwezigheid van de Heilige Geest kreeg Gods volk kracht voor zijn taken. Ook nu werkt Hij door de gelovigen heen.
Wanneer wij ons tot de Heilige Geest wenden geeft Hij ons kracht,moed wijsheid en inzicht om ons werk voor God te doen.
Het eerste deel met de beschrijving van Jezus bedevaart sluit aan bij het Lucas evangelie. In handelingen wordt Judas als apostel van Jezus vervangen door Mattias.
In hfd 2:1-8:3 wordt beschreven hoe het Jezus volgelingen na diens hemelvaart vergaat.
In hfd 8:4 - 11:18 wordt verteld hoe het evangelie in Judea, Galilea en Samaria verkondigd wordt.
In hfd 11:19-15:35 wordt de nadruk gelegd op de verkondiging onder de heidenen. Ook Paulus zendingsreizen wordt hier behandeld.
Op het eind wordt Paulus in Jeruzalem gearresteerd en de reis naar Rome besproken.
Paulus zendingsreizen laten de groei van het christendom zien. Dit groeit uit over de gehele wereld. Dit geloof brengt de mensheid tot nieuwe hoop, wij hebben dezelfde uitdaging om in de wereld te getuigen.

De handelingen van de apostelen

Het boek Handelingen is in de eerste plaats een geschiedenisboek. Het gaat over de verspreiding van het christendom in het Romeinse Rijk.
In de meeste geschiedenisboeken uit de Grieks-Romeinse tijd zijn lange toespraken van de hoofdpersonen te vinden. Ook in Handelingen is dat het geval. De titel 'De handelingen van de apostelen' suggereert iets meer dan het boek eigenlijk inhoudt. Aan Petrus en Paulus wordt namelijk meer aandacht besteed dan aan de andere apostelen. Petrus heeft de hoofdrol in hoofdstuk 1-12, Paulus in hoofdstuk 13-28. Het boek is niet alleen bedoeld om feitjes weer te geven: de eerste christelijke gemeenten dienen ook als voorbeeld voor de lezer. In Handelingen horen we hoe de ideale christelijke gemeente er - met vallen en opstaan - uitziet.

De kerk

Handelingen en het Lucasevangelie zijn door dezelfde schrijver geschreven. Net als in het evangelie richt Lucas zich ook aan het begin van Handelingen tot een zekere Theofilus. Er wordt wel gezegd dat het Lucasevangelie en het boek Handelingen als één boek in twee delen bedoeld zijn. Deel één, het evangelie, beschrijft het leven en werk van Jezus op aarde. In deel twee, Handelingen, komt het vervolg aan de orde: de verspreiding van de boodschap van Jezus.

Een belangrijk thema is dat het rondvertellen van Gods boodschap uiteindelijk het werk is van de heilige Geest. Lucas wil de lezers laten weten dat de jonge christelijke kerk een betrouwbaar vervolg is op de geschiedenis die met Jezus begonnen is. Net als in het Lucasevangelie is een belangrijke boodschap van Handelingen dat de kerk, die uit Joden en niet-Joden bestaat, voortbouwt op de geschiedenis van God met zijn volk Israël.

1. Auteur



Hoewel de schriftkritische stroming in de eerste helft van de 20e eeuw het auteurschap betwijfelde, wordt tegenwoordig nauwelijks meer betwijfeld dat de schrijver van dit boek identiek is aan die van het Lucas-evangelie. Talrijke vermeldingen van de oude kerkvaders en interne overeenkomsten in taalgebruik wijzen naar Lucas, de geliefde geneesheer (zie Kol 4:14). De schrijver was naar zijn taalgebruik te oordelen een Helleens en ontwikkeld man, en de delen die in de eerste persoon staan, wijzen op Lucas.

2. Geadresseerde

De geschiedenis van de apostelen wordt opgedragen aan Theofilus, over wie verder niets bekend is. Hij wordt kratistos genoemd, wat machthebber of geëerde betekent. Omdat plaatsen in Israël nauwkeurig beschreven worden, terwijl dit niet met plaatsen in Italië gebeurt, nemen sommigen aan dat hij in Italië geleefd heeft.

3. Datering

Voor de datering zijn twee hoofdstromen:
•Argumenten voor een vroege datering (62 of 63): ◦Essentiële gebeurtenissen van rond 70 worden niet genoemd: christenvervolging, de dood van Paulus, de dood van Jacobus de rechtvaardige, de vernietiging van Jeruzalem.
◦De houding van Romeinse regeringsbeambten tegenover christenen wordt als neutraal afgeschilderd - niets van de vervolging zoals onder Nero.
◦De gespannen verhouding tussen christenen uit de joden en christenen uit de heidenen is een steeds terugkerend thema, en dit duurde tot de val van Jeruzalem.
◦Lucas beroept zich niet op de brieven van Paulus. Deze waren echter reeds rond 70 als verzameling in omloop.

•Argumenten voor een late datering (80-90): ◦Discrepanties tussen dit boek en de brieven van Paulus
◦Discrepanties tussen dit boek en Flavius Josephus
◦De eindtijdrede van Jezus in Mattheus (geschreven voor dit boek) moet na de vernietiging van Jeruzalem geschreven zijn, uitgaande van de vooronderstelling dat profetie niet bestaat (vaticinia ex eventu).


4. Inhoud
•Proloog (1:1-3)
Opgedragen aan Theophilus (1:1-2) Verrijzenis bewijzen van Jezus (1:3) •Laatste samenkomst: Hemelvaart (1:4-11)
Grote Opdracht (1:4-8) Hemelvaart van Jezus Christus (1:9) Komst van de Heilige Geest (1:10-11) •Ontstaan van de Kerk in Jeruzalem (1:12 - 5:42)
Mattias tot apostel gekozen (1:12-26) Nederdaling van de heilige geest (2:1-13) Redevoering van Petrus (2:14-2:41) Het leven der gelovigen (2:42-2:47) Petrus geneest een lamme bedelaar (3:1-10) •De uitbreiding in Palestina (6:1 - 8:40)
Gevangenneming en steniging van Stefanus (6:8-7:60) •Bekering van Paulus (9:1 - 9,31)
•De roeping van de heidenen (9:32 - 12:34)
•De uitbreiding van de Kerk onder Joden en heidenen (13:1 - 20:38)
Eerste zendingsreis van Paulus (13:1 - 14:28) Bijeenkomst van de apostelen in Jeruzalem (15:1 - 15:35) Tweede zendingsreis van Paulus (15:36 - 18:22) Derde zendingsreis van Paulus (18:23 - 20:38) •Paulus' gevangenschap en komst te Rome (21 - 28)
Paulus' laatste reis naar Jeruzalem (21:1 - 21:26) Paulus' gevangenschap te Jeruzalem (21:27 - 23:30) Paulus' gevangenschap te Caesarea (24 - 26) Paulus' reis naar Rome (27 - 28)
In dit boek staan alle verrichtingen van de apostelen na de Hemelvaart van Christus.


Hun taak was het Evangelie over de gehele aarde te verkondigen aan Joden en heidenen.

Dit boek is geschreven door Lucas, waaraan nooit iemand getwijfeld heeft. Het blijkt ook duidelijk uit het eerste vers van het eerste hoofdstuk. Vergelijk dat vers maar eens met het derde en vierde vers van het eerste hoofdstuk van het Evangelie van Lucas.

In beide boeken richt hij zich tot een zekere Theophilus1).

Zoals de vier evangelisten in hun evangeliën de geboorte, het leven, lijden en sterven van Christus beschrijven, zo verhaalt Lucas in de Handelingen der Apostelen van de verrichtingen van de apostelen, na de Hemelvaart van Jezus.

Hoe zij het evangelie over de gehele toen bekende wereld verspreiden, niet alleen onder de Joden, maar ook onder de heidenen. De eerste gemeenten worden gesticht.

Vooral de handelingen van Petrus en Paulus worden uitvoerig belicht.

Maar eerst beschrijft Lucas de Hemelvaart van Christus. En dan moet de lege

plaats van Judas nog eerst worden gevuld. Er moet daarvoor iemand uit de volgelingen van Jezus worden gekozen. De discipelen stellen twee kandidaten: Josef, genaamd Barsabbas, die de bijnaam Justus had en Matthias.

Ze bidden dan tot de Heer, wie Hij het meest geschikt acht. Ze hebben toen geloot en het lot viel op Matthias.

En dan volgt het verhaal van de uitstorting van de Heilige Geest. Het verhaal, dat wij allen wel kennen en op de Pinksterdagen gedenken, hoewel velen het Pinksterfeest meer beschouwen als een paar vrije dagen om er op uit te trekken.

De apostelen verrichten wonderen, ze genezen zieken, ze prediken en.... ze worden vervolgd. Maar hun aanhangers groeien in aantal, ondanks de vervolgingen.

En het woord Gods wies en het getal der discipelen te Jeruzalem nam zeer toe en een talrijke schare van de priesters gaf gehoor aan het geloof. - Hand. 6:7 -
Stephanus wordt gestenigd en een jongeman, Saulus genaamd past zolang op de mantels van degenen, die Stephanus stenigen.

Er ontstaat dan een zware vervolging tegen de gemeente van Jeruzalem, waarbij Saulus een belangrijke rol speelt.

Maar ook de Heer ziet die grote ijver van Saulus en Hij vindt, dat die grote ijver van Saulus beter niet tegen Hem, maar vóór Hem gebruikt kan worden. En dan volgt het bekende verhaal van de bekering van Saulus, als hij op weg is naar Damascus. Een stem uit de hemel roept hem toe: "Saul Saul, waarom vervolgt gij Mij?" Daarmee wordt niet de vervolging van Christus persoonlijk bedoeld, maar Zijn gemeente op aarde. Jezus zelf is dan in de hemel en kan niet meer vervolgd worden.

Saulus wordt dan in plaats van een vervolger een volgeling van Christus. Hij wordt één der belangrijkste apostelen en maakt veel reizen, niet alleen in Klein Azië, maar ook in Europa.

Hij komt in verscheidene landen en steden. Lees hierover in mijn beschrijving van de reizen van Paulus, getiteld: "Een Jood uit Tarsus".

Uiteindelijk wordt Paulus gevankelijk weggevoerd naar Rome, waar hij in een huis mag wonen en vrij het evangelie predikt.

Uiteindelijk is hij door keizer Nero ter dood veroordeeld.

Een overzicht van gebeurtenissen

Hoofdstuk 1

De hemelvaart

De ledige plaats van Judas vervuld

Hoofdstuk 2Pinksteren

De toespraak van Petrus

Het leven der eerste gemeente

Hoofdstuk 3

De genezing van een verlamde

De toespraak van Petrus

Hoofdstuk 4

Petrus en Johannes voor de Raad

Het leven der gemeente

Hoofdstuk 5

Ananias en Sapphira

Tekenen en wonderen

Het verhoor van Petrus en Johannes

De raad van Gamaliël2)

Hoofdstuk 6

Aanstelling van de zeven

Stephanus

Hoofdstuk 7

Stephanus' verdediging

De dood van Stephanus

Saulus

Hoofdstuk 8

Philippus te Samaria

Simon de tovenaar

De kamerling uit Morenland

Hoofdstuk 9

De bekering van Saulus

Saulus in de broederkring

Aenéas en Dorcas

Hoofdstuk 10

Cornelius

Hoofdstuk 11

Petrus verdedigt de doop van Cornelius

Barnabas en Saulus naar Antiochië

Hoofdstuk 12

De dood van Jacobus

De bevrijding van Petrus

De dood van Herodus

De uitzending van Barnabas en Saulus

Hoofdstuk 13

Naar Antiochië in Pisidië

Naar Iconium, Lystra en Derbe

Hoofdstuk 14

Terug naar Antiochië

Hoofdstuk 15

De vergadering te Jeruzalem

Het antwoord aan Antiochië

Twist tussen Paulus en Barnabas

Hoofdstuk 16

Door Macedonië

De gevangenbewaarder van Philippi

Hoofdstuk 17

Paulus te Thessalonica en BeréaPaulus te Athene

Hoofdstuk 18

Paulus te Corinthe

Paulus naar het oosten

Apóllos

Hoofdstuk 19

Paulus te Epheze

De zonen van Scaeva

Demétrius de zilversmid

Hoofdstuk 20

Van Macedonië naar Troas

De oudsten van Epheze te Miléte

Hoofdstuk 21

Paulus te Tyrus en te Caesaréa

Te Jeruzalem

Paulus gevangengenomen

Toespraak tot de Joden

Hoofdstuk 22

Toespraak tot de Joden

In de kazerne

Voor de Raad

Hoofdstuk 23

Voor de Raad

Een samenzwering der Joden

Paulus naar Caesaréa overgebracht

Hoofdstuk 24

Paulus voor Felix

Hoofdstuk 25

Paulus voor Festus

Paulus voor Agrippa

Hoofdstuk 26

Paulus' verantwoording voor Agrippa

Hoofdstuk 27

Paulus naar Rome

De schipbreuk

Hoofdstuk 28

Paulus op Malta

Paulus te Rome

Handelingen 1

Nadat hij in 'zijn' evangelie het optreden van Jezus heeft beschreven, vervolgt Lucas hier zijn verhaal. Wij noemen dit boek 'Handelingen van de apostelen', maar in feite gaat Lucas gewoon verder met zijn beschrijving van de handelingen van Jézus, maar nu zoals Jezus actief is vanuit de hemel en via zijn apostelen.
Bij zijn vertrek is Jezus' opdracht duidelijk: het evangelie moet uitgedragen worden 'in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde.' En dat is precies zoals het gegaan is, want dank zij Christus' bestuur vanuit de hemel hebben zijn apostelen allereerst Jeruzalem het evangelie laten horen (hoofdstuk 2-7); door de vervolging die dan tegen de gemeente losbreekt, bereikt het evangelie ook Samaria en Judea (hoofdstuk 8-12), waarna algauw de grenzen van Palestina worden overschreden (11:19-30 en 13-28). Het boek sluit af met de woorden dat Paulus in Rome het evangelie doorgaf 'zonder dat hem iets in de weg werd gelegd' (28:31).
Dit dynamische optreden van de apostelen was alleen mogelijk doordat Christus hen zijn Geest wilde geven (1:8) en doordat Hij hen eerder ooggetuige had gemaakt van zijn leven op aarde (de voorwaarde om apostel te kunnen zijn, 1:21-22).
Door deze inzet van niemand minder dan Christus zelf heeft het evangelie ook Groningen bereikt. En nog steeds handelt Christus wereldwijd. We zijn bevoorrecht met zo'n Heer.

Handelingen 2: 1 - 21

De apostelen hadden als mens allerlei kwaliteiten, maar ze konden hun taak alleen aan door de kracht van Christus' Geest. Daarom werd die Geest-kracht op de pinksterdag royaal aan Christus' volgelingen geschonken. Dat ging samen met een ongekend wonder: ze spraken een grote verscheidenheid aan talen, waardoor de toegestroomde mensen in hun móedertaal van Gods grote daden hoorden. Door dit wonder bewees Jezus dat Hij leeft en naast God op de troon zit; ook riep Hij hierdoor de mensen op hun redding bij Hem te zoeken; ten slotte maakte Hij duidelijk dat Hij met het evangelie de hele wereld wil bereiken. Vandaar dat dit pinksterwonder in het boek Handelingen herhaald wordt als er een volgende stap gezet wordt, de wereld in: in Samaria 8:17; bij Cornelius, 10:44-47; in Efeze, 19:6. Zonder Christus en zijn Geest zijn we als christen nergens.

Handelingen 2: 22 - 47

We denken gauw dat het op het pinksterfeest om de Geest gaat, maar Petrus wees in zijn toespraak erop dat we in de Geest met Christus te doen hebben. Hij hoort centraal te staan in ons geloof en in ons leven. Dat hebben zijn toehoorders goed begrepen: 'Hoe kunnen wij nog gered worden, nu wij deze Jezus hebben laten kruisigen?' Petrus' antwoord hierop is zo eenvoudig als wat: ze moesten het van Jezus verwachten en zich door de doop met Hem laten verbinden; dan zouden ze vergeving ontvangen en zou de Geest ook over hen vaardig worden. Ze hoefden zich dus niet via ingewikkelde en langdurige rituelen laten inwijden in allerlei geheimen; ook hoefden ze geen lange weg te bewandelen van ascese en andere oefeningen. Ze hoefden zich alleen aan Christus vast te klampen en als bedelaars hun handen op te houden. Zo makkelijk is het evangelie, maar tegelijk: zo moeilijk, want daarmee doen we afstand van de drang onszelf te willen redden.
Die pinksterdag groeide de kleine groep volgelingen uit tot een massale gemeente, met als kenmerken: trouw aan het apostolisch onderwijs, toegewijd in het bidden en royaal tegenover wie hulp nodig hadden, en dat alles gedrenkt in vreugde. Is dat ook het beeld van onze gemeente?

Handelingen 3

Dat Petrus en Johannes naar de tempel gingen voor het middaggebed, was niet alleen omdat ze daar toehoorders konden vinden. In de begintijd sloten de christenen aan bij wat ze tot dan toe als gelovigen gewoon waren. Zo bleef ook Luther aanvankelijk preken in zijn monnikspij en hield hij allerlei rooms-katholieke gebruiken aan. Reformatie is altijd wat anders dan revolutie. Het is waar, het doet radicaler aan om ineens en compleet met het oude te breken. Maar daarmee stoot je mensen af die meer tijd nodig hebben. Gelukkig gunt God ons een groeiproces. Natuurlijk mag dat nooit een smoes zijn om keuzes te ontwijken en slapheid goed te praten.
In de tempel genazen ze met een beroep op Jezus een verlamde. Daarmee bewezen ze die ene persoon een geweldige dienst. Tegelijk gaven ze daarmee aan dat de vermoorde Jezus weer leefde en zich op aarde liet gelden. Ook gaven ze een voorproef waar het in Christus' plannen uiteindelijk op uitdraait: een nieuwe wereld waarin geen dood en verderf meer voorkomt. In zijn toespraak lichtte Petrus dit alles uitgebreid toe. Er kon zo geen misverstand over bestaan: zijn toehoorders moesten bij Christus vergeving zoeken; dan zouden zij, net als die genezen man, gezegend worden. Deze oproep is niet veranderd: zoek uw houvast bij Christus en vind zo het leven!

Handelingen 4: 1 - 22

Ondanks alle eenheid en liefde was ook toen het kerkelijk leven allerminst paradijselijk. Er waren dreigingen van binnenuit, blijkt uit Hand.5a en 6a, en er waren dreigingen van buitenaf, blijkt uit dit hoofdstuk. Hoe enthousiast de meeste mensen ook waren over het optreden van Petrus en Johannes, de joodse leiders voelden zich ongemakkelijk. Met de terechtstelling van Jezus meenden ze van Hem af te zijn, en nu werden in de naam van diezelfde Jezus toespraken gehouden, tot op het tempelplein; ook werden in zijn naam mensen gedoopt en genezen. Dat moest afgelopen zijn. Ze zouden die plattelanders eens flink intimideren; dan zouden ze wel voorgoed in hun schulp kruipen. Maar ze kregen te doen met de kracht van Jezus' Geest. Want in plaats dat deze Galileërs zich lieten overdonderen door de hoge heren, droegen ze enthousiast de boodschap uit van redding door hun Heer. Jezus had hen dat al aangekondigd: 'Als jullie voorgeleid worden, vraag je dan niet bezorgd af hoe je moet spreken. Het wordt je ingegeven' (Mat.10:18-20).
Overigens gaf God hiermee gehoor aan het gebed van zijn Zoon op Golgota: 'Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen.' Bij deze gelegenheid kregen de leiders een herkansing om zich alsnog door Jezus te laten gezeggen. Maar ze weigerden zich gewonnen te geven en zetten de apostelen onder druk om voortaan hun mond te houden. Voor niets, want alleen al die genezen man was een tastbare reclame voor de kern van de apostolische boodschap dat Jezus leeft.

Handelingen 4: 23 - 37

Vrijgelaten realiseerden Petrus en Johannes zich dat ze niet door hun eigen welsprekendheid de dans waren ontsprongen. Samen met de gemeente richtten ze zich in gebed tot God. Bij Hem zochten ze bescherming tegen de krachten die zo dreigend op hen afkwamen. Ook vroegen ze Hem om hulp, zodat ze het aandurfden om door te gaan met het uitdragen van de boodschap. In antwoord op hun gebed liet God hun plaats van samenkomst trillen en hen volschieten met de Geest. Daardoor geruggesteund gingen ze onverdroten door.
En dan volgt een tekening van de eerste gemeente die ons met weemoed vervult: wat een eendracht, wat een vergaande onderlinge hulp, wat een werfkracht. Dat is ook zo. Maar blijkens het vervolg valt er meer te zeggen. Intussen maakt dit bijbelgedeelte duidelijk waar het geheim ligt van effectieve gemeenteopbouw. Dat geheim vinden we niet allereerst in bepaalde modellen, vormen, acties. Wat in dit gedeelte naar voren komt, is: gebed, dus: je afhankelijk weten van God, maar ook: invloed van de Geest, warmlopen voor het evangelie, hart hebben voor elkaar. Daar hoort elke inzet voor gemeenteopbouw mee te beginnen.

Handelingen 5: 1 - 16

De paradijselijke sfeer in de gemeente, getekend in het slot van hoofdstuk 4, wordt door het optreden van Ananias en Saffira verstoord. Ze hadden een stuk land verkocht, maar anders dan iemand als Barnabas (4:37) volstonden ze ermee een déél van de opbrengst ter beschikking van de armen te stellen. Dat was hun goed recht, blijkt uit Petrus' reactie. Maar ze deden net alsof ze de héle opbrengst afstonden. Daarmee maakten ze voor de mensen wel goede sier, maar bedrogen ze God en zijn Geest. Het gevolg was fataal: beiden stierven ze. Hard? Inderdaad, maar de zonde was ook erg. En God wilde eens voor altijd duidelijk maken dat Hij ontrouw aan Hem hoog opneemt. We zijn dus gewaarschuwd. Doordat nu Gods reactie meestal uitblijft, kunnen we denken dat het met Gods straf wel losloopt. Het verhaal over Ananias en Saffira bindt ons op het hart: we moeten goed weten hoe wij ons in de gemeente en tegenover God opstellen: we zondigen nooit goedkoop; eens vindt de confrontatie met God plaats, onontwijkbaar.
Doordat God zo duidelijk de grenzen van de kerk had aangegeven, hielden de apostelen de ruimte voor hun helende en missionaire werk, met alle werfkracht van dien. Trouw zijn aan wat God opdraagt of ook verbiedt, lijkt tactisch niet aantrekkelijk, maar blijkt uiteindelijk dienstbaar aan gemeenteopbouw.

Handelingen 5: 17 - 42

De invloed van de apostelen werd de leiders te gortig. Ze besloten drastisch in te grijpen. Maar God zorgde ervoor dat de apostelen ongehinderd de gevangenis uit konden en hun missionaire werk konden voortzetten. In plaats dat de leiders hierdoor tot bezinning kwamen, lieten ze de apostelen ophalen om zich te verantwoorden. Die hadden één onweerlegbaar tegenargument: 'Men moet God meer gehoorzamen dan de mensen'; bovendien: ze konden niet om het feit heen dat Jezus leefde. Goede raad was duur, te meer omdat de massa kennelijk op de hand was van de apostelen. Gamaliël, Paulus' leermeester, kwam met een advies: 'We moeten gewoon afwachten. Deze Jezus-beweging was òf een mensenzaak en zou dan vanzelf een keer verlopen; òf die was Gods zaak en dan konden en mochten ze die niet vernietigen.' Ogenschijnlijk heel wijs, maar daarmee weigerde de Gamaliël kleur te bekennen. De andere leiders gingen hierin mee, maar in feite kozen ze toch, want ze lieten de apostelen geselen en legden hun een spreekverbod op.
En de apostelen? In plaats dat ze gedeprimeerd waren door deze tegenslag,, waren ze vol vreugde, want ze vonden het een voorrecht dat ze voor Jezus hadden mogen lijden; ook voelden ze zich gesterkt om gewoon door te gaan: hun hart was zo vol van het evangelie dat hun mond er wel van over móest lopen.

Handelingen 6: 1 - 7: 16

We zijn gauw wat schrikkerig als er ruzie in de kerk ontstaat en al helemaal als de kerk door leidende personen uit de samenleving vijandig behandeld wordt. Uit dit hoofdstuk blijkt dat we daar niet vreemd van moeten opkijken. Vanaf het begin heeft de kerk hiermee te maken gehad.
Allereerst wordt verteld dat er onlust ontstond omdat de weduwen uit de Griekstalige groep bij de dagelijkse ondersteuning achtergesteld werden. Bedoeld zal zijn dat zij te weinig ingeschakeld werden bij het diaconale werk. Door toedoen van de (vooral Arameestalige) apostelen werden toen zeven Griekstalige mannen aangesteld die het evenwicht in de leiding moesten herstellen. Deze zeven waren dan ook niet de eerste diakenen (zoals vaak wordt gedacht); ze traden vooral als predikers op maar moesten kennelijk er ook voor zorgen dat de Griekstalige weduwen ingeschakeld werden. Van dit eerste kerkelijke conflict valt dus veel te leren: leiders moeten delegeren en ze moeten rekening houden met de verschillende groepen in de kerk.
Stefanus, een van de zeven, preekte zo aanstekelijk dat de joodse leiders hem als een gevaar begonnen te zien. De flansten een valse aanklacht in elkaar en daagden hem voor de Sanhedrin. Dat gaf hem de mogelijkheid de leiders nog één keer te confronteren met Gods liefde door Christus, zoals die in het Oude Testament al zichtbaar was geworden. Zo is God: Hij zet altijd alles op alles om mensen met het evangelie te bereiken. Hoe reageren we daarop?

Handelingen 7: 17 - 43

Stefanus verhaalde hoe veel voorrechten God telkens weer aan zijn volk heeft gegeven. Daardoor werd hun structurele ondankbaarheid tegenover God extra pijnlijk. Neem nou Israël uit Mozes' tijd. Wat hadden ze veel van God gekregen, maar wat was typerend aan hen: hun koppigheid. Hoeveel moeite had God niet moeten doen om ze achter Mozes aan te krijgen. En toen ze eenmaal in de woestijn waren, barstten ze telkens in gejammer en gemopper uit. In Kanaän aangekomen gaven ze zich telkens af met afgoden en weigerden ze te luisteren naar de waarschuwingen van de profeten. Dat is kennelijk een zwak punt bij Gods kinderen: dat ze te weinig oog hebben voor wat God hun allemaal geeft. We hebben vaak zo onze eigen wensenlijst en als God daaraan niet voldoet, hebben we niks meer met Hem, hoe veel liefde Hij ons ook bewijst. Het is goed telkens kritisch naar onszelf te kijken, hoe wij omgaan met Gods geschenken aan ons.

Handelingen 7: 44 - 8: 3

Stefanus sloot zijn historische verhaal af met de toepassing: 'In feite zijn jullie geen haar beter dan jullie voorouders.' In plaats dat ze toen stil vielen en kritisch naar zichzelf gingen kijken, barstten ze in haat tegen Stefanus uit. Te midden van de chaos van hun reacties gunde God Stefanus een blik in de open hemel. Daar zag hij God zitten, terwijl Jezus aan zijn rechterhand stond (niet: zat), klaar om op te treden. Hardop sprak Stefanus uit wat hij zag, vs.56. Daarmee greep hij terug op wat Jezus tijdens zijn proces zei: 'Vanaf nu zal de Mensenzoon gezeten zijn aan de rechterhand van de Almachtige' (Luc.22:69). In feite zei Stefanus tegen z'n toehoorders: 'Toen hebben jullie Jezus niet willen geloven, maar nu zie ik Hem in de hemel zoals Hij heeft aangekondigd.'
Via Stefanus' woorden strekte God nog eenmaal zijn armen naar hen uit, gedachtig aan het gebed van zijn Zoon: 'Vader, vergeef het hun, ze weten niet wat ze doen.' Daarmee rekenend gaf God hen bij deze gelegenheid nog eens een kans. Maar ze weigerden zijn uitgestoken hand te grijpen en stenigden Stefanus. Stervend sprak Stefanus zijn meester nog eens na: 'Reken hun deze zonde niet aan.' Ook naar dit gebed heeft God geluisterd, want een van de deelnemers, een zekere Saulus, die op de mantels paste, werd een belangrijk apostel van Jezus. Zo is God: hoe koppig mensen zich ook tegen Hem afzetten, Hij kan langs ongedachte wegen hun hart bereiken.

Handelingen 8: 4 - 40

Na Stefanus' terechtstelling barstte er een vervolging los tegen de gemeente, waardoor de gelovigen overal heen zwierven. De zaak van Jezus van Nazaret leek op niets uit te lopen. Maar zo groot is Christus' macht (om met art.13 van de Ned. Geloofsbelijdenis te spreken) dat Hij in staat is zijn werk zeer goed en rechtvaardig te beschikken, ook al handelen de duivelen en de goddelozen onrechtvaardig. Want wat gebeurde er? Juist doordat de gelovigen overal verspreid werden, werd ook het evangelie van Christus overal doorgegeven. Zo bleek het evangelie aan te slaan in Samaria. Een geweldig wonder. Allereerst omdat Samaritanen erg negatief tegenover joden stonden. Bovendien hadden ze lang in de ban geleefd van een magiër. Maar Christus' Geest wist de harten te bereiken, terwijl de magiër onschadelijk werd gemaakt. Daarnaast werd het evangelie door Filippus (een collega van Stefanus) verteld aan een Ethiopische minister, die van een verblijf in Jeruzalem naar zijn land terugkeerde. Hij was erg geïnteresseerd in het Oude Testament, maar om z'n handicap (hij was een eunuch) had hij geen toegang gekregen in de tempelvoorhof (Deut.23:1). Uitgerekend deze ontmande werd gedoopt, waarmee een profetie uit Jes.56:3-5 werd vervuld, want hij hoorde zonder enige beperking bij Christus. Geen wonder dat de man na zijn doop z'n weg naar huis vol vreugde vervolgde. Wat heb je nog meer te wensen als je helemaal aanvaard bent door Gods Zoon, onze Heer Jezus Christus?

Handelingen 9: 1 - 31

De kerk is niet van ons. Zij is eigendom van Jezus Christus. Als Saulus dan ook de leden van de kerk vervolgt, zegt Jezus tegen hem: Saul, Saul waarom vervolg je mij? God bewerkt in het leven van Paulus een niet te geloven ommekeer. Van vervolger van Christus wordt hij verkondiger van Christus. Andere christenen kost het moeite om in dit wonder te geloven. Maar geloven blijft altijd een wonder.

Handelingen 9: 32 - 10: 16

De zendingsactiviteit van de apostelen wordt begeleid met wonderen. Maar het zijn geen mogelijkheden waarover de apostelen beschikken. Dat hoort ook de verlamde Aeneas. Zelfs de dood verliest tegenover de Here alle macht. Dat ervaart Dorcas. Bij alles wat ze doen, zitten de apostelen ook nog in de leerschool van Jezus: ze moeten leren dat ze met het evangelie niet alleen naar hun volksgenoten toe moeten. Petrus ervaart dit wel op een heel bijzondere manier.

Handelingen10: 17 - 48

Petrus krijgt als antwoord op een visioen, mensen aan de deur die hem vragen om bij de niet jood Cornelius binnen te gaan. Cornelius leert dat je in de kerk nooit mensen moet vereren. Petrus houdt een echte Christuspreek . En het raakt de toehoorders en de Geest valt op hen. Zij geloven, en zij worden gedoopt.

Handelingen 11

Petrus moet zich in de broederkring verdedigen. Met wat hij heeft meegemaakt, maakt hij duidelijk dat God geen exclusieve rechten meer laat gelden voor de gelovigen uit de joden. Ondertussen groeit de kerk. Tegen de verdrukking in. Of zoals wordt gezegd: het bloed van de martelaren is het zaad van de kerk. Hier was martelaar uit de vroege kerk: de trouwe diaken Stefanus. Mensen trekken naar veiliger plekken maar zo breidt de kerk zich als een olievlek uit. Barnabas en Paulus worden zendelingen. Aan de mensen in de stad Antochië hebben we het te danken dat volgelingen van Christus voor het eerst de naam christen hebben gekregen.

Handelingen 12: 1 - 13: 12

Petrus lijkt na Stefanus de volgende leider van de kerk te Jeruzalem te worden die wordt gedood. Maar God heeft hem nu nog op aarde nodig. Petrus ontkomt door goddelijk ingrijpen. De mensen die ervan horen kunnen het eerst niet geloven terwijl ze bijeen in gebed waren en zeker om zijn vrijlating gebeden zullen hebben. Herodes denkt machtig te zijn, maar komt op het toppunt van zijn roem ten val. Het woord van God zette door en bracht veel mensen tot geloof. Zo wies het woord.

Handelingen 13: 13 - 52

Paulus maakt aan zijn volksgenoten duidelijk dat de Here Jezus er op dezelfde wijze is voor joden en niet joden. Nogal wat joden hadden het er erg moeilijk mee. In Perge opent Paulus hun de ogen door hen de kerkgeschiedenis voor te houden. Dat Jezus de macht over de dood heeft, raakt de mensen diep. Maar afkerige joden komen in verzet en lasteren de zendelingen.

Handelingen 14

Ook in Ikonium bezoekt Paulus eerst weer zijn volksgenoten in de synagoge. Ook hier komt strijd. Het leven van de zendelingen loopt gevaar en daarom wijken ze uit naar Lystra. Zij doen er een wonder met als gevolg dat de mensen hen als goden zien. Joden van elders zetten de mensen tegen hen op zodat het tot een steniging komt maar Paulus blijft leven. Vervolgens gaan Gods boodschappers weer terug langs de eerdere plekken waar volwaardige kerken worden gesticht door ouderlingen aan te stellen.

Handelingen 15: 1 - 35

Een snelgroeiende kerk brengt veel mensen samen met diverse meningen.En dat geeft gemakkelijk spanning. Hier gaat het vooral om de verschillen tussen gelovigen uit de joden en uit de kring van de niet-joden. De joden dachten: je zet toch niet zomaar allerlei vaste gebruiken aan de kant. De spanningen liepen hoog op in de stad Antochië, naar aanleiding van de besnijdenis. In Jeruzalem wordt vervolgens een eerste synode gehouden. Men besluit onder de leiding van de Heilige Geest van welke dingen de gelovigen uit de heidenen zich zullen onthouden. De besluiten worden ook schriftelijk aan Antochië overgebracht.

Handelingen 15: 36 - 16: 15

De bijbel toont ons de realiteit van het kerkelijke leven uit de vroege kerk. Het is niet allemaal mooi. Wat een vervelend moment: de ruzie tussen Paulus en Barnabas. Er is sprake van verbittering. Toch gaat het zendingswerk wel door. En nu nog meer uitgebreid. God gebruikt deze kromme weg van mensen voor een sterkere uitbreiding van zijn kerk. De besluiten van Jeruzalem worden telkens in de gemeenten die worden bezocht, doorgegeven. Paulus en zijn vriend Silas weten niet wat er precies aan de hand is als de Heilige Geest hun weg zo leidt dat ze tenslotte bij de zeekust terecht komen. Het blijkt Gods bedoeling te zijn dat de boodschap nog veel verder gaat: Europa in.

Handelingen 16: 16 - 40

In de stad Philippi gebeuren de meest wonderlijke dingen. De stroom van waarzeggende boodschappen houdt op. Dure toverboeken kunnen in het vuur; deze zijn waardeloos geworden. De gevangenbewaarder wordt gevangen door God de Here en met heel zijn huis gedoopt. Paulus weet ook van wanten als het gaat om de rechten die hij heeft als Romeins burger.

Handelingen 17

In Thessalonica komt weer een scherpe tegenstelling tot uiting onder hen die God kennen, maar vervolgens wel of niet in Jezus als de beloofde Messias geloven. Er wordt een lastercampagne opgezet doordat men zegt dat Paulus en de zijnen met een nieuwe koning op de proppen komen en dat zou een concurrent van de Romeinse keizer kunnen zijn. Ook in de plaats Berea weten de lasteraars hen te vinden. En dus moeten ze ook hier ook weer vandaan, naar Athene en spreekt Paulus voor hooggeleerde mensen. Met als gevolg dat het evangelie van Jezus in een hoge versnelling de wereld rondgaat.
In Athene knappen de meesten af op het voor hen gloednieuwe idee dat er een opstanding van dode lichamen zal plaatsvinden.

Handelingen 18

In de stad Korinthe oefent Paulus een tijdlang zijn oude vak weer uit. Maar als zijn medewerkers bij hem komen gaat hij weer vol voor de prediking.
Ook hier stuit zijn prediking bij de joden op verzet. Als hij niet meer in de synagoge mag komen, krijgt hij elders onderdak.Opvallend is wel dat de overste van de synagoge met heel zijn huis tot geloof komt. Op last van de Here moet Paulus hier langer blijven want er zijn in deze stad veel mensen die in God gaan geloven. Een poging van de joden om de landvoogd voor hun karretje te spannen mislukt finaal. Van Korinthe gaat het naar de overkant van de zee, naar Efeze. En na een kort verblijf zet Paulus koers naar Caesarea. In Efeze is een evangelist heel actief die tegelijk ook nog verder onderwijs nodig heeft.

Handelingen 19: 1 - 20

Paulus, weer terug in Efeze, moet uitleg geven over het verschil tussen de doop van Johannes en de doop van Jezus. Krachten van de Geest breken los als mensen de christelijke doop ontvangen. Drie maanden lang is prediking in de synagoge mogelijk. Maar dan is het gebeurd. De prediking over Jezus wordt heel opvallend 'de weg' genoemd en doet denken aan Jezus' uitspraak: Ik ben de weg. God versterkt de prediking door het laten gebeuren van wonderen. Het doet boze geesten op de vlucht gaan en doet mensen een vuur onsteken om hun goddeloze toverboeken te verbranden.

Handelingen 19: 21 - 40

In Efeze zijn de verkopers van Artemis tempeltjes de wanhoop nabij.
De prediking van Paulus was de dood voor deze handel. De wereldse overheid komt de kerk te hulp als massa's mensen schreeuwend in het theater roepen dat Artemis groot is . De secretaris van de stad waarschuwt de mensen. Voor je het weet zal de Romeinse overheid de stad kunnen beschuldigen van oproer.

Handelingen 20: 1 - 16

Paulus' dienstjaren in Efeze waren wel de zwaarste van zijn leven. Zou hij tijdens zijn drie zendingsreizen ooit zoveel tegenstand ontmoet hebben als daar? Toch heeft hij zich vol liefde en zelfopoffering gegeven voor de opbouw van een christelijke gemeente in die stad. Lees daarover ook zijn brieven 1 Timotheus en Efeziers.
Halverwege zijn werkperiode in Efeze heeft Paulus al een reis naar Achaje en Macedonië gemaakt. Na zijn afscheid van Efeze reist hij opnieuw via diezelfde regio's, maar nu is hij op weg naar Jeruzalem (19:21). Hij bezoekt de gemeenten en spreekt de gelovigen moed in. Zo ook in Troas waar Paulus enkele dagen na het Paasfeest (gevierd in Filippi) aankomt en een week blijft. Na de zondagse kerkdienst waarin ook het Avondmaal wordt gevierd, spreekt Paulus de gemeente toe. Dit duurt tot na middernacht (ja, ja, dat waren nog eens tijden!). Het is laat, de vergaderzaal zit propvol en het is er warm door de vele lampen. In één woord: slaapverwekkend. Eutychus valt uit het venster. Hij is op slag dood, maar wordt opgewekt door Paulus. Die gaat gewoon weer verder met zijn toespraak: tot de morgen. Maar de christenen in Troas gingen opgewekt naar huis. Paulus had ze buitengewoon bemoedigd, door zijn woorden en zijn daden. Wie levert daarvoor niet graag zijn nachtrust een keertje in?!

Handelingen 20: 17 - 38

Paulus wil graag het Pinksterfeest in Jeruzalem doorbrengen. Daarom gaat hij met zijn gezelschap per schip verder. Om geen tijd te verliezen passeren ze Efeze en maken een stop in Milete (zie de kaart van Paulus' zendingsreizen). Per bode vraagt hij de ouderlingen van Efeze om hem daar te ontmoeten. Dat doen ze met liefde.
We zijn als bijbellezers getuige van een van de meest ontroerende momenten in Handelingen: het afscheid tussen Paulus en de ouderlingen van Efeze. Ze zullen elkaar niet meer zien. Beide partijen staan moeilijke tijden te wachten. Er is alle reden om tranen met tuiten te huilen (zendelingen weten ervan mee te praten). Behalve een moeilijk afscheid, is het ook een fijn afscheid: Paulus spreekt over zijn dienen van Christus; hij spreekt de ouderlingen moed in en hij spoort ze aan om de Here trouw te blijven ondanks verzet en vijandschap (dat was in Efeze niet gering). En dan bidden ze samen. Schitterend! Belangrijk ook voor ouderlingen vandaag. (Tip: lees dit gedeelte langzaam en laat elke zin een poosje op je inwerken.)
"En zij deden hem uitgeleide naar het schip." Ze scheuren zich van elkaar los en zullen nog wel lang naar elkaar gezwaaid hebben. Weg uit het oog, maar dichtbij in het hart!

Handelingen 21: 1 - 26

Via-via komt Paulus in Tyrus aan. Daar blijft hij een week. Ook daar is weer een afscheid met gebed! Dan komt het gezelschap in Caesarea en logeert "verscheidene dagen" bij evangelist Filippus en zijn vier dochters-profetessen. Had men in Tyrus Paulus al afgeraden - door de Geest! - om naar Jeruzalem te gaan, in Caesarea wordt er zwaar geschut in stelling gebracht: Agabus uit Judea profeteert met handen en voeten de gevangenneming van Paulus, opnieuw door de Geest! Maar Paulus is niet te vermurwen: hij is bereid om zelfs te sterven voor de naam van Jezus. De enig mogelijke reactie: "Laat de wil van de Here gebeuren!"
In Jeruzalem worden Paulus en zijn reisgenoten hartelijk welkom geheten door de broeders. Ze logeren bij Mnason, maar gaan de dag na aankomst meteen Jakobus, de 'leider'van de gemeente van Jeruzalem (halfbroer van Jezus, schrijver van de Brief van Jakobus), bezoeken. De complete 'kerkenraad' is daarbij aanwezig. Men looft God om wat Hij onder de heidenen door Paulus' dienst heeft gedaan. Trouwens, ook veel Joden zijn tot geloof gekomen. Alleen, daar zit wel een probleem, want die Joodse christenen blijven zich houden aan de Joodse traditie. En dan komt er iets wat toch wel vragen oproept: Paulus wordt gevraagd om mee te werken aan een Joods ritueel. En hij stemt nog toe ook! Het lijkt wel of Paulus en Jakobus terugkomen op het kerkenraadsbesluit in Handelingen 15! Toch is dat niet zo. Ze doen juist een uiterste poging om Joden- en heidenchristenen bij elkaar te brengen. Om een lang verhaal kort te maken: a) situatie: de gemeente van Jeruzalem zit blijkbaar in een spagaat door aanhoudend onbegrip van Joods-christelijke kant met betrekking tot Paulus' zendings-methode; b) doel: het verzoek aan Paulus is alleen bedoeld om de kritiek van deze Joden-christenen te pareren en om ze gerust te stellen; c) strategie: net zoals Paulus bij de heidenen de Grieken een Griek was, is hij nu de Joden een Jood; niet meer dan dat. Hand. 15 blijft dus overeind! Zendingswerk vraagt veel geduld: dat hebben wij vaak niet. God wel.

Handelingen 21: 27 - 22: 21

Paulus wilde graag met Pinksteren in Jeruzalem zijn (20:16). Het lijkt erop dat dat gelukt is. Dat blijkt uit het feit dat Joden uit Asia (verstrooiing) hem in de tempel signaleren. Die zijn natuurlijk naar het joodse Wekenfeest gekomen. Tijdens dat feest is destijds de Heilige Geest uitgestort en daarom valt het christelijke Pinksterfeest op dezelfde dag. Maar juist deze Joden uit Asia zijn Paulus' grootste vijand. Ze trekken meteen hun (onterechte) conclusie: die Paulus heeft de tempel ontwijd. Ze grijpen hem bij de kraag en ontketenen in Jeruzalem een enorme rel. (NB: het gaat hier om Joden, niet om Jodenchristenen).
Als het Romeinse garnizoen niet ingegrepen had, was Paulus vast en zeker gelyncht. En dat op basis van een hele serie misverstanden. De commandant kan uit de heksenketel niet gewaar worden wat er aan de hand is en laat Paulus geboeid afvoeren naar de kazerne. "Weg met hem", gilt de massa, net als bij Jezus' veroordeling. Paulus krijgt permissie om de kokende menigte toe te spreken. Wonderlijk genoeg wordt het op Paulus' wenk "geheel stil." Hij verdedigt zich - in het Hebreeuws: voor alle Joden begrijpelijk - door zijn levensverhaal te vertellen (Hand. 9), en zo een krachtig pleidooi voor Christus te houden. Blijde boodschap!

Handelingen 22: 22 - 23: 11

Op het moment dat Paulus de zwijgende m
Hoofdstuk 15

De vergadering te Jeruzalem

Het antwoord aan Antiochië

Twist tussen Paulus en Barnabas

Hoofdstuk 16

Door Macedonië
De gevangenbewaarder van Philippienigte vertelt dat hij door de Here zelf naar de heidenen is gezonden, breekt de hel los. Deze man mag niet blijven leven. De commandant laat hem naar de kazerne brengen. Hij wil hem laten geselen en dan verhoren. Maar Paulus is een Romeins burger en mag daarom niet zonder vorm van proces veroordeeld worden (niet-Romeinen blijkbaar wel). De volgende dag laat hij Paulus voorkomen voor het Joodse Sanhedrin. Hij wil weten wat voor beschuldiging ze tegen hem hebben. De zitting duurt niet lang. Paulus speelt op een handige manier de partijen van de Farizeeën en de Sadduceeën tegen elkaar uit, door te zeggen dat hij - zelf een Farizeeër - terecht staat in verband met zijn hoop op de opstanding uit de doden (dat is inderdaad de kwestie, zie Mat. 28:11-15, 1 Cor. 15). De Romeinse commandant laat Paulus terugbrengen naar de kazerne. Daar laat de Here hem weten dat hij zo ook in Rome van Hem moet getuigen. Hij zal toch nog in Rome komen. Op Gods tijd (19:21, Rom. 1:8-15)!

Handelingen 23: 12 - 35

Een komplot van meer dan 40 Joden tegen Paulus: ze vervloeken zich met de gelofte niet te zullen eten en drinken voor zij Paulus hebben gedood (dit gaat verder dan een eed - NBV). Ze vragen de Joodse Raad Paulus opnieuw te laten voorkomen. Dan zullen zij onderweg met hem afrekenen. Kennelijk gaat de Joodse overheid positief in op de plannen voor deze aanslag. Paulus' neef krijgt er weet van en licht Paulus in. Deze laat zijn neef bij de commandant brengen. Die moet dit weten. Hij neemt meteen passende maatregelen. 's Avonds laat hij Paulus onder strenge bewaking naar procurator Felix in Caesarea brengen. Per brief geeft hij de stadhouder tekst en uitleg. Hij laat duidelijk uitkomen dat volgens hem Paulus vrijspraak verdient. Opmerkelijk dit verschil in benadering tussen Joodse en Romeinse gezagsdragers, of - anders gezegd - tussen godsdienstige en wereldlijke leiders.

Handelingen 24

Binnen een week geeft een afvaardiging van het Sanhedrin, onder leiding van hogepriester Ananias in eigen persoon, en vergezeld van een gladde advocaat - ene Tertullus - acte de présence. Ze dienen bij Felix een aanklacht in tegen Paulus. In aanwezigheid van Paulus houdt de advocaat zijn requisitoir. Hij begint met zoete broodjes en eindigt met leugens. Ook commandant Lysias krijgt een veeg uit de pan, omdat hij de Joodse rechtsgang met grof geweld in de weg gestaan zou hebben. (Die groep gezworenen zal intussen wel flink honger en dorst hebben, zou het niet?) Paulus is er niet van onder de indruk en verdedigt zichzelf overtuigend. Hij heeft niets uitgelokt. Er is geen enkel bewijs tegen hem. Paulus schaamt zich er niet voor om voor zijn christen zijn uit te komen ("de Weg"). Dat is de enige reden waarom de Joden hem ter dood willen veroordelen. Felix, die heel goed van "de Weg" op de hoogte is, verdaagt de zaak. Paulus wordt gevangen gehouden onder een 'mild regime'. Hij mag "uit zijn kring" bezoek en verzorging ontvangen. Felix en zijn vrouw Drusilla laten zich regelmatig nog verder informeren over het geloof in Christus. Vrijuit preekt Paulus het evangelie aan het hof (vgl Fil. 1:13). Wat een zegen van God! Maar wat zou er bij Felix eigenlijk achter zitten? Geloof? Taktiek? We horen over angst, over losgeld en over de Joden terwille willen zijn. Jammer. Met een dubbele houding komt je niks verder.

Handelingen 25

Festus volgt Felix op. Paulus zit nog steeds gevangen. En de Joodse leiders zijn hem nog steeds niet vergeten. (Ik denk opnieuw aan die samenzweerders. Als ze zich aan hun vervloeking gehouden hebben, is geen van hen nu meer in leven, zou je zeggen. Of zouden ze…? Als dat zo is, hebben de Joden geen been meer om op te staan. Dan meten ze met twee maten.) De geschiedenis herhaalt zich: opnieuw zware aanklachten van de Joden zonder enig bewijs, weer een verdedigingsronde van Paulus, en een voorstel van de procurator met de bedoeling de Joden te paaien. Maar nu is het afgelopen! Paulus beroept zich op de keizer.
Dan komen Koning Agrippa en zijn vrouw Bernice Festus begroeten. Festus legt Agrippa de zaak voor. Hij geeft wel een wat gekleurd verslag, maar geeft de kern wel nauwkeurig weer: het gaat over "een zekere Jezus die dood is, van wie Paulus beweerde dat hij leeft". Agrippa wil die Paulus wel eens horen. Wellicht kan hij Festus dan adviseren over de inhoud van de brief aan de keizer. Want wat moet hij schrijven over deze onschuldige? Je kunt hem toch niet om zijn geloof in Jezus veroordelen?

Handelingen 26

Paulus volgt de gebruikelijke retoriek: eerst prijst hij Koning Agrippa om zijn kennis van het jodendom. Hij zal Paulus vast en zeker begrijpen. Paulus' samenvatting van de eeuwenlange hoop van Israel en zijn eigen levensverhaal vloeien door elkaar. Opnieuw benadrukt hij dat Christus zelf hem gezonden heeft naar de heidenen "om hun ogen te openen ter bekering uit de duisternis tot het licht en van de macht van de satan tot God, opdat zij vergeving van zonden en een erfdeel onder de geheiligden zouden ontvangen door het geloof in Mij" (vs 18). Paulus heeft gehoorzaam die opdracht uitgevoerd en Joden en heidenen opgeroepen om zich te bekeren. Maar nu willen de Joden hem hierom veroordelen! Hij heeft toch niets anders gezegd dan Mozes en de profeten. Het enige verschil is dat het toen belofte was en dat die belofte nu vervuld is.
Als je hierover nadenkt, is het toch wel te zot voor woorden dat mensen gaan oordelen over Gods werk. De mens op Gods stoel. Hiermee zijn we echt terug bij af: de zondeval in Gen. 3! De Joden gaan God narekenen … en met Hem afrekenen (eerder ook al: Hand. 4/5). Festus kan het allemaal niet meer volgen, maar Agrippa weet drommels goed waar Paulus het over heeft. Hij kent immers zelf de profeten. Maar - opnieuw: jammer - wanneer Paulus hem te dicht op de huid komt, laat hij de zitting beëindigen. Maar de beide hoogheden zijn het erover eens dat Paulus onschuldig is. Als hij zich niet op de keizer had beroepen, zou hij nu vrij zijn. Wonderlijk: mensen proberen Gods werk te stoppen, maar het breidt zich alleen maar uit (vgl 8:1 en 4). God is er zelf bij! Bij zendingswerk is het altijd: Immanuël.

Handelingen 27: 1 - 26

Varen, varen over de woeste baren: Lukas schrijft een spannend verhaal over Paulus' reis naar Italië. In Jeruzalem was hij bijna door de Joden vermoord, op zee dreigt het schip waarop hij reist met man en muis te vergaan. Je houdt soms de adem in. Maar zoals altijd: God beschermt Paulus en zijn reisgenoten. Paulus' werk is immers nog niet klaar. De reis moet dus wel goed aflopen! (Tip: Lees het verhaal in één ruk uit en pak er een kaart bij.)
Is het je opgevallen? Paulus functioneert ongevraagd als loods. Helaas luistert de schipper niet naar de wijze adviezen van deze door God geïnspireerde landrot. Ze vertrekken van Goede Rede (Gronings: Schierhoavens) op Kreta. Het weer lijkt goed, maar dat duurt niet lang: de zgn Eurakylon jaagt de golven op. Die beuken de ronddobberende boot. Het is noodweer. Paulus stelt de mensen gerust met de openbaring die hij van God gekregen heeft: niemand zal omkomen. Als je dat nu maar gelooft! God heeft nog nooit gelogen.

Handelingen 27: 27 - 28: 10

Wat zullen al die mensen (276 man) bang geweest zijn. Ondanks Paulus geruststellende woorden. Wat zullen ze voor hun leven gevochten hebben. Wat zullen ze moe geweest zijn. En hongerig. Wie heeft er nu zin in eten in zulke omstandigheden? Toch gaan ze eten, op aandringen van Paulus. En dan komt de landing op Malta: er valt niet één slachtoffer. God doet wat Hij via Paulus heeft beloofd. Wat een geweldige God. En de reactie van al die geredde mensen op deze wonderlijke redding? Onbekend!
De schipbreukelingen worden door de Maltezers hartelijk verwelkomd en opgevangen. Ze stoken een groot vuur tegen de kou. Daarbij gebeurt er iets waardoor de positie van Paulus meteen helder wordt. Hij wordt door een gifslang gebeten - conclusie van het heidendom: straf van de wraakgodin Dikè - maar er overkomt hem niets ongewoons - nieuwe conclusie van het heidendom: hij is zelf een god. Ook dat is niet zo, maar Paulus is wel door de Geest in staat om grote wonderen te doen tot eer van de levende God. Die naam mag hij op Malta verkondigen in woord en daad.

Handelingen 28: 11 - 31

Via Puteoli waar Paulus en de zijnen een week lang bij broeders en zusters logeren (een fijne verrassing) arriveren zij in Rome. Ze worden ingehaald door christenen die al op de hoogte zijn van de recente gebeurtenissen. "Toen Paulus hen zag, dankte hij God en greep moed." Hij krijgt een eigen woning, met een soldaat als bewaker.
Paulus is nu eindelijk in Rome. Hij ontmoet er de gemeente aan wie hij enkele jaren geleden al een brief geschreven heeft. Deze gemeente is gesticht door en bestaat uit niet-Joodse christenen. Dat blijkt al uit de brief van Paulus aan de Romeinen. Het blijkt ook uit wat er enkele dagen na Paulus' aankomst gebeurt: hij zoekt contact met de Joodse leiders. Dezen zijn niet op de hoogte van Paulus' "belevenissen" en stellen zich neutraal op. Ze willen graag Paulus' denkbeelden vernemen. Tot nu toe hebben ze zich blijkbaar niet met de kerk in Rome bemoeid. Ze weten alleen dat deze 'secte' overal tegenspraak vindt. Wanneer Paulus de Joden het evangelie verkondigt, geven sommigen wel gehoor, maar anderen blijven ongelovig. Na een ernstige vermaning van Paulus, vertrekken zij al ruziënd.
Twee jaar lang verblijft Paulus in Rome. Zonder angst en zonder belemmering verkondigt hij het Koninkrijk van God en geeft onderwijs over de Here Jezus Christus. Hoe het verder met hem gegaan is, wij weten het niet. Wel is duidelijk dat hij in Rome een spilfunctie vervulde voor de prediking van het evangelie in het Romeinse rijk. Vanuit de hoofdstad gaat het evangelie in alle richtingen tot aan de einden van de aarde



COMMENTAAR
BIJBELBOEK

OT


Genesis

Exodus

Leviticus
 

Numeri

Deuteronomium

Jozua
 
Richteren
 
Ruth
 
1 Samuël

2 Samuël
 
1 Koningen
 
2 Koningen
 
1 Kronieken

2 Kronieken
 

Ezra
 
Nehemia
 
Esther

Job

Psalmen

Spreuken

Prediker

Hooglied


Jesaja


Jeremia


Klaagliederen van Jeremia

Ezechiël

Daniël


Hosea

Joël


Amos


Obadja


Jona


Micha


Nahum


Habakuk

Zefanja

Haggaï

Zacharia

Maleachi

NT

Matthëus


Markus

Lukas

Johannes

Handelingen

Romeinen


1 Korinthiërs


2 Korinthiërs


Galaten

Efeziërs

Filippensen


Kolossensen

1Thessalonicensen

2Thessalonicensen

1 Timothëus

2 Timothëus

Titus

Filemon

Hebrëen

Jakobus

1 Petrus

2 Petrus

1 Johannes

2 Johannes

3 Johannes

 
Judas

Openbaring
 

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Heer, wees mijn Gids

                              

INFO: DE WEG - DE WAARHEIDHET LEVENFILM - AUDIO


Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)



Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG