DE HEILIGE SCHRIFT - DE BIJBEL

EZRA

De vindplaats van materiaal voor Bijbelstudie, geloofstudie, catechese, school, kring, persoonlijk geloof, studie thuis, kerk, club, nieuws, godsdienstonderwijs, zingeving en vooral heel veel mogelijkheden om je Bijbelkennis te vergroten. Blijf niet afhankelijk van anderen maar lees zelf de Bijbel. Investeer in geestelijke rijkdom.


De Studiebijbel is uitermate geschikt om de Bijbel te leren verstaan.

Je kunt een keus maken uit onderstaande tabel voor verdere studie
A = Verwijzing naar bijbeltekst met uitgebreide uitleg
B = Beknopte verhandeling over het hier gekozen bijbelboek
C = Verwijzing naar de verhandeling van een ander bijbelboek

Terug naar de Inleiding van deze serie


A B C
BIJBELBOEK
met
UITLEG


Oude Testament

Genesis Exodus Leviticus Numeri Deuteronomium Jozua Richteren Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia Maleachi


Nieuwe Testament


Mattheüs Marcus Lukas Johannes Handelingen Romeinen 1 Korinthiërs
2 Korinthiërs
Galaten Efeziërs Filippensen Kolossensen1 Tessalonicensen2 Tessalonicensen 1 Timotheüs 2 Timotheüs Titus Filemon Hebreeën Jakobus 1 Petrus 2 Petrus 1 Johannes 2 Johannes 3 Johannes Judas Openbaring


EZRA


Het boek Ezra (Hebreeuws: עזרא) is een van de boeken in de Hebreeuwse Bijbel. Er zijn ook de boeken 3 Ezra en 4 Ezra, die wel in de Septuagint voorkomen, maar door zowel katholieken als protestanten als apocrief beschouwd worden. Slechts in de Oosters-Orthodoxe Kerken behoren ze tot de Bijbel. Dit artikel gaat vooral over het canonieke boek Ezra.

  Dit boek Ezra begint door bestiering van de Heilige Geest met dezelfde woorden, waarmee het tweede boek der Kronieken eindigde. Dit is om het vervolg van de geschiedenis van Gods kerk aan te geven.

  In dit boek laat de Heilige Geest de priester en schriftgeleerde Ezra beschrijven, hoe God Zijn volk, na een gevangenschap van zeventig jaar1) in Babylonië, geheel volgens Zijn belofte verlost door de Perzische koning Cyrus2).

  Deze koning heeft Babylonië veroverd en beslist door ingeving Gods, dat het volk van Israël naar zijn land mag terugkeren om de tempel te bouwen.

  Alles wat Nebukadnezar destijds uit de tempel had geroofd en in de tempels van zijn eigen goden had geplaatst, liet Cyrus weer teruggeven aan Sesbazzar3), de vorst van Juda. In totaal vierenvijftighonderd schalen en ander gerei.

  Dit was hun aantal: dertig gouden schalen, duizend zilveren schalen, negen en twintig messen, dertig gouden beker, verder vierhonderd en tien zilveren bekers, duizend andere voorwerpen. Alle voorwerpen van goud en zilver waren vijf duizend vierhonderd. Dit alles voerde Sesbazzar mede, toen de ballingen uit Babel naar Jeruzalem werden gebracht. - Ezra 1:9-11 -
Zerubbábel en de hogepriester Jésua4) bouwen het altaar des Heren. Zij brengen offers en vieren het loofhuttenfeest.

  Dan beginnen ze met het leggen van de fundamenten voor de tempel, maar daarbij worden ze gehinderd door anderen, die mee wilden helpen met de bouw, maar toen dat geweigerd werd, de bouw ernstig gingen saboteren.

  De bouw van de tempel werd toen noodgedwongen stilgelegd en kom pas worden hervat tijdens de regering van koning Darius, koning der Perzen.

  Zerubbábel en Jésua hervatten dan de bouw, daarbij terzijde gestaan door de profeten Haggaï en Zacharia. De bouw wordt dan afgemaakt, de tempel wordt ingewijd en hun godsdienstoefeningen worden erin gehouden.

  Maar na verloop van tijd raakt alles weer in verval.

  De in Babel verblijvende schriftgeleerde Ezra, nakomeling van Aäron, trekt dan met een groot aantal anderen naar Jeruzalem met een volmacht om alles te herstellen naar Gods wetten, wat Ezra met grote ijver en nauwgezetheid volbrengt.

  Daarom, èn omdat hij het geschreven heeft, draagt dit boek zijn naam.

  In het laatste hoofdstuk van dit boek wordt geschreven over de gemengde huwelijken en de maatregelen daartegen.

  Ezra is verbijsterd en diepbedroefd als men hem vertelt, dat mannen van Israël zich vrouwen uit andere volkeren hebben genomen.

  Toen ik dit vernam, scheurde ik mijn kleed en mijn mantel, trok haren uit mijn hoofd en uit mijn baard en zat verbijsterd neer. - Ezra 9:3 -
De bijbelkenners, de theologen, zijn het er niet over eens in welke tijd de in dit boek beschreven geschiedenis moet worden geplaatst.

  Maar over één ding is men het wel eens: de geschiedenis begint onder Perzische heerschappij, als Cyrus of Kores koning is. En de geschiedenis loopt dan tot in het zevende jaar van koning Arthahsasta de tweede en ook nog enige tijd daarna, want de volgende geschiedenis, beschreven in het boek Nehemia begint in het twintigste jaar van deze koning.

  1) Over het juiste tijdstip van het einde der Babylonische ballingschap zijn de meningen verdeeld. Sommigen denken, dat de ballingschap begon in het jaar 3364 na de schepping, zodat het einde in het jaar 3434 geweest zou zijn.
  2) Cyrus wordt ook Kores genoemd; in het Grieks Coresch.

  3) Dit moet Zerubbábel geweest zijn, die ook Zerubábel en Soròbabel genoemd wordt.

  4) Ook geschreven als Jozua.



  Het boek Ezra is genoemd naar de priester Ezra, die de hoofdrol speelt in hoofdstuk 7-10.
 Ezra kwam in het midden van de vijfde eeuw voor Christus met enkele duizenden Judeeërs vanuit Babylonië naar Jeruzalem. Hij kwam in opdracht van de Perzische koning onderzoeken hoe men in Juda en Jeruzalem de wet van Mozes naleefde.

 Van alles wat

 Eigenlijk vormen Ezra en Nehemia samen één boek. Ze bieden een verslag van gebeurtenissen uit de geschiedenis van Israël in de eeuw na de Babylonische ballingschap. Je leest vooral over de dingen die de schrijver belangrijk vindt. Het is soms niet makkelijk om de grote lijn te volgen. De schrijver heeft teksten uit allerlei bronnen verzameld en deze zoveel mogelijk als een geheel gepresenteerd. Je vindt er brieven en koninklijke besluiten, lijsten met namen en geslachtsregisters, archiefstukken, persoonlijke herinneringen en gebeden.

 Naamgeving
  Het boek is genoemd naar de Schriftgeleerde Ezra. In de Septuaginta wordt het boek Esdras B genoemd, in de Vulgata Esdra I. Het Hebreeuwse woord Ezra kan vertaald worden met hulp. Over de Griekse en Latijnse namen bestaat een redelijke spraakverwarring. Onderstaande tabel tracht enig overzicht te geven van de namen in de protestantse wereld, en de namen in Septuaginta en Vulgata:

 Auteurschap en ontstaan
  Oorspronkelijk vormde dit boek samen met het boek Nehemia één boek. Christelijke schrijvers in de vierde eeuw begonnen het als twee afzonderlijke werken te beschouwen. Deze zienswijze vond gehoor en heeft ook in de Hebreeuwse Bijbel ingang gevonden.

  In de klassieke rabbinale traditie wordt Ezra als de auteur van dit boek beschouwd.

 Inhoud
  Dit boek bevat een verslag van de gebeurtenissen aan het eind van de Babylonische ballingschap. De terugkeer vindt in verschillende etappes plaats:

  Kores (559-530) 1e terugkeer onder Ezra 1 Einde van optreden van de profeet Daniël
 Cambyses II (530-522) Niet vermeld 
  Darius Hystapes (522-486) Herbouw van de tempel Profeten: Haggai, Zacharia
 Ahasveros (486-465) Ezra 4:6 - Ahasveros, zie ook het boek Esther 
  Arthahsasta, ook wel Arthaxerxes Longimanus genoemd,(464-423) Nehemia (en Ezra 2?, zie Ezra 7) keert terug. Optreden van de profeet Maleachi

 Het bestaat uit enkele hoofdonderdelen:

  de geschiedenis van de eerste terugkeer van de ballingen, in het eerste jaar van Kores (536 v.Chr.), tot de voltooiing van de bouw van de tempel, in het zesde jaar van Darius Hystapes (515 v.Chr.), hoofdstuk 1-6.
 persoonlijke gegevens over de Schriftgeleerde Ezra (hoofdstuk 7). Veel commentatoren zijn het er over eens dat tussen het slot van hoofdstuk 6 en het begin van hoofdstuk 7 een gat van ongeveer 60 jaar zit.
 de geschiedenis van de tweede terugkeer onder Ezra, in het zevende jaar van Artaxerxes Longimanus, en de gebeurtenissen na diens terugkeer te Jeruzalem (hoofdstuk 7-10).
 Gedeelten van het boek zijn in het Aramees (hoofdstuk 4:7-6:18, 7:12-26). "Men neemt met enige waarschijnlijkheid aan dat deze delen zijn van een uitgebreidere geschiedenis van de teruggekeerde gemeenschap" (Stade).

 Relaties met andere boeken
  In het Nieuwe Testament komen geen citaten uit dit boek voor.

 UITVOERIGER INHOUD

 Ezra 1: 1 - 2: 35
  Als de HERE iets belooft, doet Hij dat ook. God houdt zich aan zijn belofte dat Hij zijn volk na zeventig jaar naar hun eigen land terug zal brengen (Jer. 29: 10). In Ezra 1 lezen we dat de terugkeer naar Jeruzalem begint. Zelfs de tempel mag herbouwd worden. De tempeldienst kan weer beginnen!
  En dat op bevel van de heidense koning Kores. Het is echter de HERE die hem gebruikt. Kores is in zijn tijd een groot wereldheerser. Hij heeft zo zijn eigen slimme politiek. Hij wil de joden naar hun land terug laten gaan om daarmee een buffer te vormen tegen de macht van Egypte. Maar wat zijn hart hem ingeeft, wordt door de HERE geleid.
 Kores noemt hier de naam van de HERE. Hij wil de goden van allerlei volken tot vriend houden. Maar dit neemt niet weg dat de HERE zijn hand in dit alles heeft. Deze heidense heerser wordt zelfs ingeschakeld om de tempel te Jeruzalem te laten herbouwen.
  Wij weten dat het bij de terugkeer van de joden naar Jeruzalem ging om de komst van Christus, om wiens lijden en sterven heel de tempeldienst riep! Hij heeft vandaag de teugels van de wereldregering in handen. Aan Hem is alle macht gegeven, in de hemel en op aarde. Hij regeert namens God.
  Is er toekomst voor de kerk? Soms zou je denken van niet. Je maakt je zorgen over (jonge) mensen die de kerk de rug toekeren. Wat zal de toekomst brengen? Vergeet dan de Here niet. Christus regeert. Hij laat zijn kerk niet los. Als wij Hem, ons Hoofd, ook maar niet uit het oog verliezen.

 Ezra 2: 36 - 70
  Slechts een ‘rest’ keert uit Babel terug. Alleen mensen uit Juda en Benjamin. De naam ‘joden’ - ontleend aan Juda - herinnert er vandaag nog aan.
 De meesten zijn in Babel achtergebleven. De ‘Israëlieten’, zo wordt deze kleine groep joden genoemd. In hen wordt Gods kerk bewaard.
  Er waren niet veel rijken en edelen bij hen die terugkeerden. Dat blijkt uit het grote aantal ezels: zesduizend zevenhonderdtwintig (Ezra 2: 67), het rijdier van de minder gegoeden van die tijd. Wie een kerk zoekt waarmee veel eer te behalen valt, vergist zich (Lees 1 Kor. 1: 26 maar). Niet het aantal is beslissend, maar het willen bouwen aan het huis van God. Dat geldt ook voor vandaag.
  De wil om te bouwen is duidelijk aanwezig bij deze teruggekeerde kinderen van God. Dat blijkt wel uit hun vrijwillige bijdragen voor het huis van God. Pas als ze die geschonken hebben, gaan ze wonen in de steden waar ze oorspronkelijk vandaan kwamen.

 Ezra 3: 1 - 4: 5
  De Israëlieten verzamelen zich als één man in Jeruzalem. Hun omgeving is hen vijandiggezind. Zij vluchten naar God en bouwen een altaar voor Hem. De verzoening met God gaat hen voor alles. Dat is de meest effectieve bescherming tegen de vijanden. Want als God voor hen is, wie kan dan tegen hen zijn?
  Aansluitend vieren ze het loofhuttenfeest. Voor de ogen van de vijanden gaan ze.féest vieren! Onbekommerd, terwijl er nog geen muur rondom Jeruzalem staat. Een feest dat herinnert aan de goede zorg van God, eenmaal in de woestijn, waar vijanden en schorpioenen dreigden. Ook een feest van de oogst, van de voedselvoorziening door God. Zij roemen God, die hun blijdschap geeft.
  En nu willen ze ook meteen beginnen aan de herbouw van de tempel, de woning van God. Dat is een heel karwei. Het hout moet helemaal van Libanon komen.
 Als het fundament voor de tempel wordt gelegd, stellen de priesters zich op en blazen de trompet. De Levieten slaan op hun cimbalen. De zangers treden aan: het hele volk. En ze zingen zich als het ware de longen uit het lijf: looft en prijst de HERE, want Hij is goed en zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid over Israël. En het volk juicht met groot gejuich!
 Maar de ouderen, die het eerste huis van God nog hebben gezien, huilen luid. Ze moeten denken aan hun zonden die hen in ballingschap hebben gebracht. Nu God een nieuw begin gaat maken, zijn ze verdrietig over hun zonden. Nooit beseft een mens sterker zijn schuld dan wanneer hij komt te staan tegenover de goedheid van God. De kerk lacht en huilt tegelijk! Vanwege de grote genade van God in Jezus Christus.

 Ezra 4: 6 - 23
 Het geloof en de motivatie van de joden worden zwaar op de proef gesteld. De hulp van de (latere) Samaritanen wijzen ze af genoemd. Bij hun afwijzing kunnen de joodse leiders zich ook beroepen op het bevel van koning Kores, waarin alléén aan de Israëlieten de opdracht gegeven was om de tempel te herbouwen (zie 1: 1 – 4). Het is dus een wijs beleid, ingegeven door vol vertrouwen op God. Ze houden zich aan het ‘in het isolement ligt onze kracht’ (Niet zo in Psalm 106: 35 en 36: “maar zij lieten zich in met de heidenen en leerden hun werken, zij dienden hun Afgoden, die hun tot een valstrik werden.”)
De verzen 6 t/m 23 gaan over een latere tijd. Ahasveros en Artachsasta zijn dan koning. Dan ondervinden de Israëlieten bij de herbouw van de muren van Jeruzalem eenzelfde tegenstand. Hun tegenstanders doen een listig beroep op het eigenbelang en de eer van Artachsasta. Voor dit argument blijkt hij heel gevoelig. Hij beveelt het werk te staken (vs. 23).
  De duivel is er altijd op uit Gods werk te dwarsbomen. Daarin kan hij nog weleens slagen. Wat is het dan belangrijk dat we bij zulke aanvallen de gelederen sluiten en pal staan voor de zuivere dienst aan God!
  Wat kunnen we doen tegen mensen die onder schone schijn de gemeente binnendringen? Bidden (zie verzen 2 – 4). Als ons geweld en list bestrijden, houdt God over ons de wacht.

 Ezra 4: 24 - 5: 17
  De tegenstand maakt de joden zó mismoedig dat de herbouw van de tempel 15 jaar wordt stilgelegd (4:24). Hoewel er geen enkel koninklijk verbod komt, verlamt deze tegenstand de handen van de joden. Ze laten zich door ‘de omstandigheden’ uit het veld slaan.
 In Perzië is intussedn een andere koning gaan regeren, Darius. Juda staat dan onder de stadhouder Tattenai. In deze kritieke tijd laat de HERE twee profeten onder hen optreden, Haggai en Zacharia, die beiden ons een bijbelboek nagelaten hebben.
 Haggaï moet tegen het volk zeggen: “Dit volk zegt: de tijd is nog niet gekomen, de tijd, dat des HEREN huis herbouwd worde” (Haggaï 1: 2). En hij voegt er een scherp verwijt aan toe: “Is het voor u de tijd om in uw weldoortimmerde huizen te wonen, terwijl dit huis verwoest ligt?” (Haggaï 1: 4). Het ligt dus niet alleen aan de tegenwerking. Ook bij de joden zelf ontbreekt de echte liefde en inzet. Eerst zeiden de joden terecht: geen vreemden mogen ons helpen. Maar toen ze zelf moesten gaan bouwen, onttrokken ze zich eraan met een beroep op ‘de omstandigheden’. Ze hebben meer belang bij hun ‘eigen huis’ dan bij Gods huis.
  En dat heeft ons vandaag veel te zeggen. Wij draven ook voor eigen huis en inkomen. Onze huizen zijn prachtig ingericht, met de nieuwste technische snufjes. We zijn keurige mensen en willen goed voor de dag komen. Maar wat doen we voor de kerk, het huis van de levende God in deze tijd? Hoeveel klachten zijn er niet, dat kerkmensen verstek laten gaan als het gaat om de opbouw van de gemeente en de inzet daarvoor?
  Het gaat ook vandaag om het huis van God – de kerk met bloed gekocht. En wij mogen daar levende stenen van zijn.

 Ezra 6: 1 - 12
 God staat boven de geschiedenis en tegelijkertijd bepaalt Hij de geschiedenis. De groten der aarde zijn werktuigen in zijn hand om zijn plannen uit te voeren. Een machtige zekerheid! De HERE schenkt uitkomst door zowel koning Kores als koning Darius als instrumenten te gebruiken (vs. 1 – 5; 6 – 12). Zo zorgt God Zelf voor de eer van zijn naam. Want het gaat hier om het huis waar Hij wonen wil en waar zijn volk de gelegenheid heeft Hem te aanbidden (vgl. 1 Kon. 6: 11 – 13).
  Koning Darius draagt de stadhouder van Juda, Tattenai, op de herbouw van de tempel niet slechts toe te laten, maar zelfs te bevorderen. De kosten ervan en van de offerdienst moeten van staatswege ter beschikking worden gesteld. Hier zit ook wel een beetje eigenbelang bij: hij verwacht van de voorbede van de joden bescherming voor zichzelf en de koninklijke familie en een zegen voor zijn hele rijk (vs. 9 en 10).
  Zo bekrachtigt Darius de bouwvergunning van Kores.

 Ezra 6: 13 - 22
 Eindelijk zijn de Israëlieten weer met de herbouw van de tempel begonnen. Ze hebben daarbij wel de woorden van de profeten Haggaï en Zacharia nodig. Zonder prediking van Gods Woord gaat het niet.
  Dan, na twintig jaar, is de tempel klaar. Met vreugde wordt hij ingewijd. De teruggekeerden offeren ‘naar het getal der stammen Israëls’. Ze weten dat ze in ootmoed en blijdschap kerk van God mogen zijn. En ze zijn daarin niet bekrompen. Wanneer ze het paaslam slachten, mogen daarvan ook meeëten ‘ieder die zich van de onreinheid van de heidenen des lands afgescheiden en zich bij hen gevoegd had, om de HERE, de God van Israël, te zoeken’ (vers 21). Ze sluiten zich niet muurdicht af. Ieder die met de eigenwillige godsdienst van de bevolking van het land breekt, wordt welkom geheten. Er staat heel typerend: die zich afscheidden. Afscheiding is nodig en een zich voegen bij de kerk. Dat is tot op de dag van vandaag de plicht van elke gelovige.
  Dan komt als grote vreugde het Paasfeest. Het feest van de bevrijding uit de macht van Egypte, door het bloed aan de deurposten. Dat bloed van die paaslammeren wijst heen naar Jezus Christus, het Paaslam dat voor ons is geslacht. Daarom vieren wij feest (1 Kor. 5: 8). Kerk zijn is een voortdurend feest. Bouwen aan Gods huis is een juichend bouwen. Laten we dat bij allerlei kerkelijke misère niet vergeten.

 Ezra 7
 Er gebeuren wonderen. Stelt u zich voor: vanuit Den Haag komt de opdracht én de financiële ondersteuning om een royaal kerkgebouw neer te zetten. Eindelijk uit de rode cijfers. Het is nog sterker. Ze sturen een gelovige en deskundige onderwijzer mee. Meteen is de predikantsvacature vervuld. Zoiets staat beschreven in Ezra 7.
  Door koning Arthahsata, ook wel genoemd Artaxerxes, wordt priester-schriftgeleerde Ezra rond 460 v. Chr. naar Jeruzalem gestuurd. Deze bekwame man moet daar orde op zaken stellen (25). Gods wet moet weer gekend en bemind worden (10) Hij wordt bepaald niet met lege handen gezonden (15vv.). Hij krijgt de vrije hand om het goud en zilver een passende bestemming te geven (20vv.) De tempeldienst moet volgens Gods regels kunnen verlopen. Dè God van de hemel (23) moet geëerd.
  Ezra is vol dankbare verwondering over Gods goede hand, die zo duidelijk zichtbaar is.
  Dat de erediensten in Nederland nog geregeld kunnen doorgaan, hoort ons ook tot het prijzen van God te brengen.

 Ezra 8: 1 - 20
  Ezra gaat niet alleen terug. Uit allerlei families gaan mannen mee (1-20). Alleen bij inspectie - Ezra is een secure man - blijkt dat er geen Levieten onder de reizigers zijn. Dat kan niet, want 'voor de tempel van onze God' zijn Levieten onmisbaar.
  We zien hier wat voor Ezra het meest wezenlijke is. Het gaat hem niet slechts om weer een bestaan te veroveren in het land van de vaderen, maar om daar vooral samen de God van de vaderen te dienen in zijn tempel. Nodig is daarvoor het door God gekozen dienstpersoneel uit de stam van Levi.
 Door Gods goede hand (18) worden de juiste mensen gevonden.

 Ezra 8: 21 - 36
  Ezra heeft een groot vertrouwen in God. De risicovolle reis naar Jeruzalem behoeft geen militaire escorte. Wel is volledige aanhankelijkheid ten opzichte van God vereist. Daarom eerst vasten en gebed voor Gods bescherming onderweg.
  Deze houding past christenen nog steeds. Joh. 15:5!
  Ze gaan met schatten beladen (24-30) naar Jeruzalem. Bewakers hiervan worden aangesteld. De reis kan nu beginnen en omgeven door Gods beschermende hand komen ze allemaal heelhuids aan op de plaats van bestemming.
 Na drie dagen rust gaan ze aan de slag. Het goud en zilver vinden een plek in de tempel. Offers worden gebracht. Dat is temeer nodig omdat ze uit een onrein land komen.
  De bevelschriften van koning Athaxerxes maken indruk (36). De plaatselijke autoriteiten geven hun volle medewerking. Wàt zal dit Ezra c.a. bemoedigd hebben!

 Ezra 9: 1 - 10: 6
  Ezra krijgt een vreselijke mededeling te horen. Van hoog tot laag is het volk Israël ontrouw geweest. Ze hebben meisjes uit Kanaän tot vrouw genomen. Dit was absoluut tegen Gods wil (Deut. 7:3,4). Totale afval bedreigt nu het hele volk. De kerk glijdt op deze wijze af naar de wereld.
  Ezra is verbijsterd. Hij schaamt zich diep voor deze volkszonde. Hij durft amper tot God te spreken. Wàt hebben we - hij plaatst er zichzelf niet buiten - erg gezondigd. Er was wonderlijke genade bij God. Toch mochten nog velen terug uit ballingschap komen en nu onder die teruggekeerden deze zware misdaad. Komt dit ooit weer goed?
  Zijn bittere klacht maakt bij velen indruk. Een zekere Sechanja erkent namens het volk dat ze vreselijk de fout zijn ingegaan. Hij ziet maar één uitweg: die vrouwen met al hun kinderen wegzenden. Ezra, neemt u s.v.p. het initiatief. Deze geschokte man heeft nog tijd van inkeer en bezinning nodig (6). Eerst moet bij heel het volk de ernst van hun zonde helder voor de aandacht komen.

 Ezra 10: 7 - 44
  Het volk komt zelf in actie! Midden in de tijd van de winterregens staan ze rillend en trillend op het tempelplein. Ze voelen tot in hun botten dat het ernst is.
  Ezra is ook volstrekt duidelijk. Er is trouwbreuk gepleegd. Die vrouwen van Kanaän mochten ze niet huwen. Dat was door de HERE verboden. Daarom moeten die weggezonden.
  Het volk beaamt dat ze op grote schaal fouten hebben begaan (13). Precies moet uitgezocht wie zich hebben misgaan. Veel komt aan het licht. Tot binnen de hogepriesterlijke familie is op dit punt gezondigd.
  Noem vandaag die Ezra geen fanatiekeling. Trouwen met een ongelovige blijft verkeerd in Gods ogen (2 Kor.6:14). Gods kinderen leven wel in de wereld, maar mogen zich niet verbinden met de wereld.

 Over de Ballingschap

  'De Heer zal u de overwinning schenken op alle vijanden die u aanvallen: als één man zullen ze op u afkomen, maar naar alle kanten stuiven ze uiteen.' Dat belooft de Heer in Deuteronomium 28:7 aan het volk Israël. Toch worden Jeruzalem en de tempel van Salomo in 586 voor Christus verwoest door de Babylonische koning Nebukadnessar. Hoe kan dat? Wat is er mis gegaan?

 God belooft zegen aan Israëlieten als ze hem dienen. Maar als het volk hem niet dient, zal hij ze weg laten voeren in ballingschap. Hij zal ze verdrijven uit het land dat hij ze zelf gegeven heeft. Mozes, Jozua en andere leiders en profeten waarschuwen daar steeds voor.
 Onder de koningen Saul, David en Salomo gaat het nog redelijk goed, maar na het koningschap van Salomo, in de tiende eeuw voor Christus, valt het rijk Israël uit elkaar. Er zijn nu twee rijken: Israël, het noordelijke rijk, en Juda, het zuidelijke rijk.

 Veroverd

 Het noordelijke rijk, Israël, wordt in 722 voor Christus veroverd door het Assyrische Rijk. Al eerder waren er groepen van de bevolking weggevoerd door deze Assyriërs, een volk dat bekend stond om zijn wreedheid. De tien stammen zullen nooit meer als geheel terugkeren naar hun land.

 Het zuidelijke rijk Juda, dat uit de andere twee stammen bestaat, valt 136 jaar later in handen van de Babyloniërs. Nadat er al twee grote deportaties van bevolkingsgroepen hebben plaatsgevonden worden Jeruzalem en de tempel in 586 voor Christus verwoest. Opnieuw wordt een grote groep Joden weggevoerd in ballingschap.

 Diaspora

 Aan het einde van de zevende eeuw voor Christus groeit de macht van de Babyloniërs. Zij verslaan de Assyriërs, die bijna driehonderd jaar over hun wereldrijk hebben geregeerd. De Babyloniërs, op hun beurt, regeren minder lang, nog geen zeventig jaar. Hun rijk wordt onderworpen door de Perzische koning Cyrus. Onder de regering van de Perzen krijgen de Joden veel meer vrijheid. Alle ballingen mogen van koning Cyrus terug naar hun land en hij geeft opdracht de tempel van Salomo te herbouwen. Bijna vijftigduizend mensen gaan terug. Daarmee wordt de belofte van God vervuld. Hij had gezegd dat het volk terug mocht keren naar hun land, als de mensen berouw zouden hebben en hem weer wilden dienen.
 De Joden die niet terug willen, mogen zich van koning Cyrus vestigen waar ze maar willen in het Perzische Rijk en krijgen burgerrechten. Veel Joden doen dat en zo ontstaan er Joodse gemeenschappen in het hele Perzische Rijk. De diaspora, de 'verstrooiing' van het Joodse volk buiten Palestina, is begonnen.

 Alexander de Grote

 Door tegenwerking duurt het nog wel ruim twintig jaar voordat de tempel herbouwd is. In 515 voor Christus wordt de tempel ingewijd.
 Meer dan vijftig jaar later, in 458 voor Christus, komt Ezra in opdracht van koning Artaxerxes naar Jeruzalem om de wet van God opnieuw in te voeren. Dertien jaar later volgt ook Nehemia die de leiding op zich neemt van de herbouw van de muren van Jeruzalem. Samen zorgen ze voor herstel en naleving van wetten op godsdienstig en sociaal gebied en herstel van de Joodse gemeenschap.

 Maar vrij is het Joodse volk nog steeds niet. Het Perzische Rijk houdt ruim tweehonderd jaar stand. In 331 voor Christus vernietigt Alexander de Grote met een bliksemoorlog het Perzische leger en is het Griekse Rijk een feit. Maar niet voor lang. Want na de dood van Alexander, acht jaar later, wordt het Griekse Rijk in vieren verdeeld onder zijn belangrijkste generaals. Er komt nog veel strijd en vervolging voor het Joodse volk in de eeuwen daarna.


COMMENTAAR
BIJBELBOEK

OT


Genesis

Exodus

Leviticus
 

Numeri

Deuteronomium

Jozua
 
Richteren
 
Ruth
 
1 Samuël

2 Samuël
 
1 Koningen
 
2 Koningen
 
1 Kronieken

2 Kronieken
 

Ezra
 
Nehemia
 
Esther

Job

Psalmen

Spreuken

Prediker

Hooglied


Jesaja


Jeremia


Klaagliederen van Jeremia

Ezechiël

Daniël


Hosea

Joël


Amos


Obadja


Jona


Micha


Nahum


Habakuk

Zefanja

Haggaï

Zacharia

Maleachi

NT

Matthëus


Markus

Lukas

Johannes

Handelingen

Romeinen


1 Korinthiërs


2 Korinthiërs


Galaten

Efeziërs

Filippensen


Kolossensen

1Thessalonicensen

2Thessalonicensen

1 Timothëus

2 Timothëus

Titus

Filemon

Hebrëen

Jakobus

1 Petrus

2 Petrus

1 Johannes

2 Johannes

3 Johannes

 
Judas

Openbaring
 

 READ THE BOOK - THE BIBLE CHANGE YOUR LIFE

Deutsch
de
English en français fr italiano it Nederlands nl español es português pt Norsk no svenska sv Polski pl čeština cz Slovák sk Magyar hu român ro Български bg hrvatski hr Pyсский ru Türkçe tr عربي ar

       

Heer, wees mijn Gids 

                              

INFO: DE WEG - DE WAARHEIDHET LEVENFILM - AUDIO


Wie zoekt zal vinden           


www Holyhome.nl

Boeiende Series :

Bijbelvertalingen
Bijbel en Kunst

Bijbels Prentenboek
Biblische Bildern
Encyclopedie
E-books en Pdf
Prachtige Bijbelse Schoolplaten

De Heilige Schrift
Het levende Woord van God
Aan de voeten van Jezus
Onder de Terebint
In de Wijngaard

De Bergrede
Gelijkenissen van Jezus
Oude Schoolplaten
De Zaligsprekingen van Jezus

Goede Vruchten
Geestesgaven

Tijd met Jezus
Film over Jezus
Barmhartigheid

Catechese lessen
Het Onze Vader
De Tien Geboden
Hoop en Verwachting
Bijzondere gebeurtenissen

De Bijbel is boeiend
Bijbelverhalen in beeld
Presentaties en Powerpoints
Bijbelse Onderwerpen

Vrede van God voor jou
Oude bijbel tegels

Informatie over alle kerken in Nederland: Kerkzoeker
 
Bible Study: The Bible alone!
L'étude biblique: Rien que la Bible!
Bibelstudium: Allein die Bibel!  

Materiaal voor het Digibord
Werkbladen Bijbelverhalen Bijbellessen
OT Hebreeuws-Engels
NT Grieks-Engels

Naslagwerken
Belijdenissen
Een rijke bron

Missale Romanum + Afbeeldingen
Stripboek over Jezus
Christelijke Symbolen
Plaatjes Afbeeldingen Clipart
Evangelie op Postzegels

Harmonium Huisorgel
Godsdiensten en Religies
Herinnering aan Kerken

Christian Country Music
Muzikale ontspanning
Software voor Bijbelstudie
Hartverwarmende Klanken
Read and Hear the Holy Bible
 Luisterbijbel

Bijbel voor Slechtzienden Begrippenlijst   -1-   -2-

Meer weten over de Psalmen, gezangen, liturgieën, belijdenisgeschriften: Catechismus, Dordtse Leerregels en veel andere informatie? . Kijk opOnline-bijbel.nl
         
  (
What's good, use it)



Waard om te weten :

Een hartelijk welkom op de site
Deze pagina printen
Sitemap
Wie zoekt zal vinden


FAQ - HELP

Kerk
Zondag
Advent
Kerstfeest
Driekoningen
Vastentijd
Goede Vrijdag
Aswoensdag
Palmzondag
Palmpasen
De stille week
Witte donderdag
Stille zaterdag
Paaswake
Pasen - Paasfeest
Hemelvaartsdag
Pinksteren
Biddag
Dankdag
Avondmaal
Doop
Belijdenis
Oudjaarsdag
Nieuwjaarsdag
Sint Maarten
Sint Nicolaas
Halloween
Hervormingsdag
Dodenherdenking
Bevrijdingsdag
Koningsdag / Koninginnedag
Gebedsweek
Huwelijk
Begrafenis
Vakantie
Recreatie
Feest- en Gedenkdagen
Symbolen van herkenning
 
Leerzame antwoorden op levens- en geloofsvragen


Hebreeën 4:12 zegt: "Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden"Lees eens: Het zwijgen van God

God heeft zoveel liefde voor de wereld, dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven; zodat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.
Lees eens:  God's Liefde

Schat onder handbereik


Bemoediging en troost

Bible-people - stories of famous men and women in the Bible
Bible-archaeology - archaeological evidence and the Bible
Bible-art - paintings and artworks of Bible events
Bible-top ten - ways to hell, films, heroes, villains, murders....
Bible-architecture - houses, palaces, fortresses
Women in the Bible -
 great women of the Bible
The Life of Jesus Christ - story, paintings, maps

Read more for Study  
Apocrypha, Historic Works
 GELOOF EN LEVEN een
          KLEINE HULP VOOR  ONDERWEG